Jaarrekening - Balans

Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling

Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling

Terug naar navigatie - Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling - Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling

Inleiding
De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), relevante wet- en regelgeving. Waaronder de gemeentelijke verordeningen, opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader 2025. Ook de financiële verordening 2024 (ex artikel 212 Gemeentewet), waarin door de gemeenteraad  de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld.

Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening

Terug naar navigatie - Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling - Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening
  • De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij desbetreffende post anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden.
  • De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.
  • Dividendopbrengsten van deelnemingen worden als baten genomen op het moment waarop het dividend betaalbaar wordt gesteld.
  • Eventuele schattingen en hiermee verbonden veronderstellingen zijn gebaseerd op ervaringen uit het verleden en verschillende andere factoren die gegeven de omstandigheden als redelijk worden beschouwd. De jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling. Dit betekent dat bij de waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat moet worden uitgegaan van de veronderstelling dat de activiteiten waarvoor deze dienen worden voortgezet.
  • Met betrekking tot de verwerking van de algemene uitkering heeft de commissie BBV een stellige uitspraak gedaan. Deze uitspraak houdt in dat in de jaarrekening de algemene uitkering wordt opgenomen conform de in het jaar laatst gepubliceerde accresmededeling, die doorgaans is opgenomen in de septembercirculaire van het boekjaar.
  • Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen dan wel schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken.
  • Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenbegroting, te weten 4 jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden.
  • Voor verlofsparen is een voorziening opgenomen. Aangezien er bij verlofsparen sprake is van arbeidskosten gerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook onvoorspelbare afbouw kennen, moet hier een voorziening voor gevormd te worden.
  • Voor Regeling voor Vervroegde Uittreding (RVU) is een voorziening opgenomen. Bij de RVU nemen medewerkers ontslag en volgt er een (maandelijkse) ontslagvergoeding die de medewerker in staat stelt om te overbruggen tot aan de AOW-leeftijd. Aangezien de medewerker in die periode geen activiteiten/prestaties voor de gemeente verricht, moet een voorziening worden getroffen voor de financiële verplichting die de gemeente heeft tegenover de medewerker en de fiscus.
  • Wij waarderen de bedrijfscontinuïteit als essentieel voor het waarborgen van de continuïteit van onze dienstverlening aan de gemeenschap en het minimaliseren van de impact van noodsituaties op de gemeenschap. 

Vaste activa

Terug naar navigatie - Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling - Vaste activa

Immateriële vaste activa
Algemeen
De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- dan wel de vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn. Eventuele van derden verkregen specifieke investeringsbijdragen worden in mindering gebracht op het geactiveerde bedrag (artikel 62 lid 2 BBV). Hierbij wordt de verkregen bijdrage als bate verantwoord.

Kosten van onderzoek en ontwikkeling van een bepaald actief
De kosten van onderzoek en ontwikkeling worden in 5 jaar afgeschreven. De afschrijving van de geactiveerde kosten van onderzoek en ontwikkeling vangt aan bij ingebruikneming van het gerelateerde materiële vaste actief.

Bijdragen aan activa in eigendom van derden
Bijdragen aan activa van derden worden, mits dit financieel haalbaar is, in één keer ten laste van de exploitatie gebracht en kunnen worden gedekt uit de algemene reserve, dan wel een daartoe bestemde reserve. Indien dit financieel niet haalbaar is, kunnen zij worden geactiveerd met een afschrijvingstermijn van 15 jaar. Dergelijke geactiveerde bijdragen zijn gewaardeerd tegen het bedrag van de verstrekte bijdragen, verminderd met de afschrijvingen.

Materiële vaste activa
Algemeen
Activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. In de vervaardigingsprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak die aan de vervaardiging van het actief worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze kosten worden geactiveerd.

Investeringen met economisch nut 
Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht.

Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven.

De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren:

Gronden en terreinen n.v.t.
Woonruimten 20 - 40 jaar
Bedrijfsgebouwen 20 - 40 jaar
Aanleg/reconstructie parkeerterrein, (kunst)grasveld en begraafplaats 15 - 30 jaar
Vervoermiddelen 8 - 10 jaar
Machines, apparaten en installaties 5 - 15 jaar
Riolering 15 - 50 jaar

Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven
Wanneer investeringen grotendeels of meer worden gedaan voor riolering, het inzamelen van huishoudelijk afval of andere alsook voor rechten die op grond van artikel 229 lid 1 a en b Gemeentewet worden geheven, dan worden deze investeringen op de balans opgenomen in deze categorie.

Investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut
Investeringen met een maatschappelijk nut worden, evenals investeringen met een economisch nut, geactiveerd en over de verwachte toekomstige gebruiksduur afgeschreven.

De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren:

Speelvoorzieningen 15 jaar
Reconstructie/aanleg wegen, fietspaden en voetpaden 25 jaar
Beschoeiing, tunnels, duikers, steigers en bushaltes 25 jaar
Openbare verlichting 20/40 jaar
Bruggen 10 - 25 jaar
Openbaar groen (beplanting) 15 jaar

Financiële vaste activa
Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en overige verbonden partijen, (overige) leningen u/g en (overige) uitzettingen zijn - tenzij hierna anders vermeld - opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht.

Participaties in het aandelenkapitaal van NV's en BV's (kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering plaatsvinden.

Van een deelneming is krachtens artikel 1 lid d BBV sprake als de gemeente participeert in het aandelenkapitaal van een NV of een BV.

Vlottende activa

Terug naar navigatie - Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling - Vlottende activa

Voorraden
Onderhanden werk, gronden in exploitatie
De als onderhanden werken opgenomen bouwgronden in exploitatie zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs, dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingsprijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijpmaken) alsmede de rentekosten berekend zoals voorgeschreven in het BBV en de administratie- en beheerskosten.

Voor winstneming geldt de Percentage Of Completion (POC) methode: voor zover gronden zijn verkocht en opbrengsten zijn gerealiseerd kan tussentijds naar rato van de voortgang van de grondexploitatie winst worden genomen. Hiervoor moet het resultaat op de grondexploitatie wel op betrouwbare wijze kunnen worden ingeschat. Indien aan de voorwaarden is voldaan, bestaat er voldoende zekerheid om winst te kunnen nemen:

  1. Het resultaat op de grondexploitatie kan betrouwbaar worden ingeschat;
  2. De grond (of het deelperceel) moet zijn verkocht;
  3. De kosten zijn gerealiseerd (winst wordt naar rato van de realisatie gerealiseerd).

Zolang daar geen sprake van is, worden de verkregen verkoopopbrengsten ten volle op de vervaardigingskosten in mindering gebracht.

Gereed product
Gerede producten worden gewaardeerd tegen de kostprijs of tegen de marktwaarde indien de marktwaarde lager is dan de kostprijs. Dat laatste doet zich vooral voor indien voorraden incourant worden. De kostprijs bestaat uit de verrekenprijzen van grond- en hulpstoffen en de loon- en machinekosten die aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. 

Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar
Vorderingen
De vorderingen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen.

Liquide middelen en overlopende posten
Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen.

Vaste passiva

Terug naar navigatie - Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling - Vaste passiva

Voorzieningen
Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De pensioenverplichting ten behoeve van de wethouders is echter tegen de contante waarde van de (reeds opgebouwde) toekomstige uitkeringsverplichtingen gewaardeerd. De gehanteerde rekenrente is gebaseerd op de jaarlijks door het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninklijkrelaties (BZK) gepubliceerde circulaire. Conform de in december 2025 gepubliceerde stellige uitspraak van de Commissie BBV is de voorziening voor APPA-pensioenen per 31 december bepaald op basis van de meest recente actuariële prognose van de overdrachtswaarde (dekkingsgraad 123,5%). De noodzakelijke dotatie voortvloeiend uit deze prognose zijn in het verslagjaar ten laste van het resultaat gebracht (zie programma 0). Hiermee wordt aangesloten bij de gewijzigde verplichtingen die voortkomen uit de APPA-wetgeving en wordt verzekerd dat de voorziening toereikend is voor een toekomstige waardeoverdracht.

Vaste schulden
Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer.

Overzicht van baten en lasten

Terug naar navigatie - Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling - Overzicht van baten en lasten

In alle gepresenteerde tabellen met de cijfers van de jaarrekening versus begroting staan kolommen met de namen actuele begroting en primitieve begroting. 
Met actuele begroting wordt bedoeld de begroting ná wijzigingen en met primitieve begroting wordt bedoeld de begroting zoals die oorspronkelijk is vastgesteld door de raad in november 2024.

Gemeentefonds
De basis voor de hoogte van de gemeentefondsuitkering is de laatste circulaire over 2025 die wij in december hebben ontvangen.
 

Vennootschapsbelasting (Vpb)
Met ingang van 1 januari 2016 is de Wet Vpb gewijzigd en zijn overheden belastingplichtig voor de Vpb. Deze wijziging betekent dat de gemeente vanaf 1 januari 2016 vennootschapsbelasting moet gaan betalen over de winst op bepaalde activiteiten. Deze winst moet bepaald worden op basis van fiscale waarderingsgrondslagen. Deze wijken op bepaalde punten af van de grondslagen uit het BBV. Fiscaal zullen resultaten dus afwijken van de resultaten in de jaarrekening. Dit betekent dat een afzonderlijke fiscale administratie gevoerd wordt om de waarde van de bezittingen, schulden en het resultaat te bepalen.

De koepelorganisaties en de Belastingdienst hebben zich verenigd in de Samenwerking Vennootschapsbelasting Lokale Overheden (SVLO) met als doel overeenstemming te bereiken met betrekking tot handreikingen voor de praktijk voor de fiscale waarderingsgrondslagen. Op basis van onze berekeningen hebben wij een bedrag Vpb opgenomen in de jaarrekening, zie het betreffende onderdeel bij de jaarstukken.

Resultaatbestemming
Alle mutaties in reserves zijn gedekt door een vóór 31 december van het jaar genomen raadsbesluit dan wel principebesluit van de raad om bepaalde (toekomstige) baten en/of lasten te muteren in een bepaalde reserve.

Rechtmatigheidsverantwoording

Terug naar navigatie - Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling - Rechtmatigheidsverantwoording

De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld volgens de Kadernota rechtmatigheid 2025 van de commissie BBV, de financiële verordening 2024 en controleverordeningen 2023 van de gemeente. Daarnaast geldt het door de raad op 1 december 2025 vastgestelde normenkader van gemeente Weststellingwerf als toetsingskader voor de rechtmatigheidsverantwoording.

De uitgangspunten betreft onder meer de volgende:

  1. De verantwoordingsgrens bedraagt 2% van de lasten exclusief reservemutaties. Voor 2025 is dat een bedrag van € 2.298.974.
  2. Afwijkingen zijn tijdig gerapporteerd indien sprake is van een nadere uitleg in de jaarstukken.
  3. Onderschrijdingen van de lasten, over- en onderschrijdingen van de baten zijn alleen onrechtmatig indien deze niet tijdig zijn gemeld aan de gemeenteraad. 

Balans per 31 december 2025

Balans per 31 december 2025

Terug naar navigatie - Balans per 31 december 2025 - Balans per 31 december 2025
x € 1.000
Activa 31-12-2025 31-12-2024 Passiva 31-12-2025 31-12-2024
Vaste activa Vaste passiva
Immateriële Vaste Activa 708 865 Eigen vermogen 61.677 57.750
Materiële Vaste Activa 80.861 72.374 Voorzieningen 7.711 6.569
Financiële Vaste Activa 1.528 22.393 Vaste Schuld 35.162 38.507
Totaal Vaste activa 83.097 95.632 104.550 102.826
Vlottende activa Vlottende passiva
Voorraden 10.151 11.599 Vlottende schuld 7.585 6.445
Uitzettingen 22.677 6.868 Overlopende passiva 10.946 9.693
Liquide middelen 490 371
Overlopende activa 6.666 4.494
Totaal Vlottende activa 39.984 23.332 18.531 16.138
Totaal Activa 123.081 118.964 123.081 118.964

Uitgebreide balans activa

Terug naar navigatie - Balans per 31 december 2025 - Uitgebreide balans activa
x € 1.000
Activa 31-12-2025 31-12-2024
Vaste Activa
Immateriële Vaste Activa
Kosten onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief 223 301
Bijdrage aan activa in eigendom van derden 485 564
Totaal Immateriële Vaste Activa 708 865
Materiële Vaste Activa
Economisch nut 44.215 43.019
Economisch nut, dekking door heffing 18.368 16.699
Maatschappelijk nut 18.278 12.656
Totaal Materiële Vaste Activa 80.861 72.374
Financiële Vaste Activa
Kapitaalverstrekking aan deelnemingen 981 981
Leningen aan deelnemingen 17 17
RC-verhouding met het Rijk 20.816
Overige langlopende leningen 530 579
Totaal Financiële Vaste Activa 1.528 22.393
Totaal Vaste Activa 83.097 95.632
Vlottende Activa
Voorraden
Onderhanden werk (bouwgronden in exploitatie woningen) 8.705 9.799
Onderhanden werk (bouwgronden in exploitatie bedrijventerrein) 1.445 1.799
Gereed product en handelsgoederen 1 1
Totaal Voorraden 10.151 11.599
Uitzettingen
Vorderingen op openbare lichamen 7.228 6.141
Overige vorderingen 996 727
RC-verhouding met het Rijk 14.453
Totaal Uitzettingen 22.677 6.868
Liquide Middelen
Banken 490 371
Totaal Liquide Middelen 490 371
Overlopende Activa
Overige overlopende activa 6.666 4.494
Totaal Overlopende Activa 6.666 4.494
Totaal Vlottende Activa 39.984 23.332
Totaal Activa 123.081 118.964
Verschuldigde VPB nihil nihil

Uitgebreide balans passiva

Terug naar navigatie - Balans per 31 december 2025 - Uitgebreide balans passiva
x € 1.000
Passiva 31-12-2025 31-12-2024
Vaste Passiva
Eigen vermogen
Algemene reserve 18.856 14.277
Bestemmingsreserves 40.292 38.750
Gerealiseerd resultaat 2.529 4.723
Totaal Eigen vermogen 61.677 57.750
Voorzieningen
Voorzieningen 7.711 6.569
Totaal Voorzieningen 7.711 6.569
Vaste Schuld
Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen 35.162 38.507
Totaal Vaste Schuld 35.162 38.507
Totaal Vaste Passiva 104.550 102.826
Vlottende Passiva
Vlottende Schuld
Overige vlottende schulden 7.585 6.445
Totaal Vlottende Schuld 7.585 6.445
Overlopende Passiva
Overige overlopende passiva 10.946 9.693
Totaal Overlopende Passiva 10.946 9.693
Totaal Vlottende Passiva 18.531 16.138
Totaal Passiva 123.081 118.964
Niet uit de balans blijkende verplichtingen:
Gewaarborgde leningen en garantstellingen 24.568 24.952
Huur en leasecontracten 4.701 2.093
29.269 27.045

Toelichting op de activa

Vaste activa

Terug naar navigatie - Toelichting op de activa - Vaste activa

De vaste activa bestaan uit immateriële vaste activa, materiële vaste activa en financiële vast activa. Per onderdeel wordt een nadere toelichting/specificatie gegeven.

x € 1.000
Vaste activa Boekwaarde 31-12-2024 Investeringen Vermindering Subsidie Afschrijving Boekwaarde 31-12-2025
Immateriële vaste activa 865 - - - 157 708
Materiële vaste activa 72.374 14.537 26 1.428 4.596 80.861
Financiële vaste activa 22.393 - - - 49 1.528
Totaal 95.632 14.537 26 1.428 4.802 83.097

Immateriële vaste activa

Terug naar navigatie - Toelichting op de activa - Immateriële vaste activa
x € 1.000
Immateriële vaste activa Boekwaarde 31-12-2024 Investeringen Desinvestering Herschikking Afschrijving Boekwaarde 31-12-2025
Kosten van onderzoek en ontwikkeling 301 - 78 223
Activa in eigendom van derden 564 - 79 485
Totaal 865 - - - 157 708
Specificatie immateriële vaste activa Boekwaarde 31-12-2024 Investeringen Desinvestering Herschikking Afschrijving Boekwaarde 31-12-2025
Kosten van onderzoek en ontwikkeling
Voorbereidingskosten aanpak Lycklamaweg 66 66
Voorbereidingskosten centrumontwikkeling Wolvega 235 78 157
Activa in eigendom van derden betreffen:
Een bijdrage voor nieuwbouw dorpsaccommodatie De Hoeve in 2012 30 10 20
Een bijdrage voor de onderdoorgang Om den Noort 429 61 368
Drinkvoorziening voor vee 105 8 97
865 0 0 0 157 708

Materiële vaste activa

Terug naar navigatie - Toelichting op de activa - Materiële vaste activa

De materiële activa worden onderverdeeld in economisch nut, economisch nut met dekking door heffing en maatschappelijk nut.

x € 1.000
Materiële vaste activa Boekwaarde 31-12-2024 Investeringen Desinvestering Subsidie Afschrijving Boekwaarde 31-12-2025
Economisch nut
Bedrijfsgebouwen 29.621 3.130 - 166 1.482 31.103
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken 3.423 - - - 153 3.270
Overige machines 1.502 855 - 13 349 1.995
Overige materiele vaste activa 3.035 148 - - 729 2.454
Vervoermiddelen 1.578 165 - - 308 1.435
Gronden en terreinen 1.982 67 10 - - 2.039
Woonruimten 1.878 1.625 - 1.227 357 1.919
Totaal Economisch nut 43.019 5.990 10 1.406 3.378 44.215
Economisch nut, dekking door heffing
Gronden en terreinen 60 - - - - 60
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken 16.577 2.229 16 - 534 18.256
Vervoersmiddelen 62 - - - 10 52
Totaal Economisch nut, dekking door heffing 16.699 2.229 16 - 544 18.368
Maatschappelijk nut
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken 11.770 5.808 - - 629 16.949
Overige materiele vaste activa 886 510 0 22 45 1.329
Totaal Maatschappelijk nut 12.656 6.318 - 22 674 18.278
Totaal 72.374 14.537 26 1.428 4.596 80.861

Financiële vaste activa

Terug naar navigatie - Toelichting op de activa - Financiële vaste activa
x € 1.000
Financiële vaste activa Boekwaarde 31-12-2024 Vermeerderingen Verminderingen Aflossingen Presentatiecorrectie Boekwaarde 31-12-2025
Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen 981 - - - - 981
Leningen aan deelnemingen 17 - - - - 17
Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd van één jaar of langer. * 20.816 - - - 20.816 -
Overige langlopende leningen 579 - - 49 - 530
Totaal 22.393 - - 49 20.816 1.528
* In de jaarrekening 2024 werden de uitzettingen in 's Rijks schatkist gerapporteerd als financiële vaste activa met een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Na overleg met de accountant blijken dit tegoeden zijn met een rentetypische looptijd korter dan een jaar. Deze worden vanaf nu verantwoord als vlottende financiele activa.

Verstrekte leningen

Terug naar navigatie - Toelichting op de activa - Verstrekte leningen
x € 1.000
Verstrekte leningen Oorspr. Bedrag Begin looptijd Einde looptijd Boekwaarde 31-12-2024 Opname 2025 Aflossing 2025 Boekwaarde 31-12-2025 Aflossing totaal Rente 2025
A. Leningen aan Woningbouwcorporaties
Totaal leningen aan Woningbouwcorporaties
B. Overige langlopende geldleningen
Overgedr.hypotheken aan Comprix 1.532 2009 116 6 110 1.422 1
Hyp. geldleningen ambtenaren div. div. 463 43 420 13
Totaal overige langlopende geldleningen 2.122 579 49 530 1.422 14
C. Renteloze leningen
Totaal renteloze leningen
Totaal verstrekte geldleningen 2.122 579 - 49 530 1.422 14
Voorzieningen
Totaal getroffen voorzieningen voor verstrekte geldleningen
Totaal bedrag balans 2.122 579 49 530 1.422 14

Vlottende activa

Terug naar navigatie - Toelichting op de activa - Vlottende activa

De vlottende activa bestaan uit voorraden, uitzettingen, liquide middelen en overlopende activa. Per onderdeel wordt een nadere toelichting/specificatie gegeven.

x € 1.000
Vlottende activa 31-12-2025 31-12-2024
Voorraden 10.151 11.599
Uitzettingen 22.677 6.868
Liquide Middelen 490 371
Overlopende Activa 6.666 4.494
Totaal 39.984 23.332

Voorraden

Terug naar navigatie - Toelichting op de activa - Voorraden

De voorraden worden nader toegelicht in de paragraaf Grondbeleid. Het verloop van de boekwaarden staat hieronder vermeld.

x € 1.000
Voorraden 31-12-2025 31-12-2024
Gereed product en handelsgoederen 1 1
Onderhanden werk (bouwgronden in exploitatie bedrijventerrein) 1.445 1.799
Onderhanden werk (bouwgronden in exploitatie woningen) 8.705 9.799
Totaal 10.151 11.599

Boekwaarden grondexploitaties

Terug naar navigatie - Toelichting op de activa - Boekwaarden grondexploitaties
x € 1.000
Grondexploitaties boekwaarden (BW) Boekwaarde 31-12-2024 Verliesvoorziening cumulatief Winstuitname cumulatief Balanswaarde 31-12-2024 Investeringen 2025 Opbrengsten 2025 Boekwaarde 31-12-2025 Verliesvoorziening 2025 Winstuitneming 2025 Balanswaarde 31-12-2025
Woningbouwterreinen
Wolvega Lindewijk totaal 11.493 1.533 0 9.960 2.228 3.016 10.705 142 0 9.030
Noordwolde Locatie Renbaanschool -353 0 193 -160 150 83 -287 0 94 0
Wolvega Pieterslaan 0 0 0 0 60 0 60 385 0 -325
Totaal 11.139 1.533 193 9.799 2.438 3.099 10.479 527 94 8.705
Bedrijventerreinen
Wolvega Noord West III 397 578 0 -181 13 0 409 7 0 -176
Wolvega Uitbreiding Schipsloot 2.154 282 0 1.872 149 566 1.738 -264 0 1.719
Wolvega De Plantage 3.526 3.418 0 108 242 466 3.302 -18 0 -99
Totaal 6.077 4.278 0 1.799 404 1.031 5.449 -274 0 1.445
Totaal 17.216 5.811 193 11.598 2.842 4.130 15.927 253 94 10.150

Prognose grondexploitaties

Terug naar navigatie - Toelichting op de activa - Prognose grondexploitaties
x € 1.000
Grondexploitaties per 31-12-2025 Resterende looptijd in jaren Boekwaarde 31-12-2025 Nog te maken kosten Nog te ontvangen opbrengsten Eindwaarde nominaal (einde looptijd) Eindwaarde NCW 2,00% Verlies- voorziening totaal Winst- uitname totaal
Woningbouwterreinen
Wolvega Lindewijk 5 10.705 11.037 19.915 1.849 1.675 1.675 -
Noordwolde Renbaanschool - -287 - - - 287 - 287 - 287
Wolvega Pieterslaan 2 60 660 320 401 385 385 -
totaal 10.479 11.697 20.235 1.963 1.773 2.060 287
Bedrijventerreinen
Wolvega Noord West III 1 409 188 - 597 586 586 -
Wolvega Uitbreiding Schipsloot 5 1.738 991 2.708 20 18 18 -
Wolvega De Plantage 4 3.302 1.221 842 3.680 3.400 3.400 -
totaal 5.449 2.399 3.550 4.298 4.004 4.005 -
Totaal 15.927 14.096 23.786 6.260 5.777 6.065 287

Uitzettingen < 1 jaar

Terug naar navigatie - Toelichting op de activa - Uitzettingen < 1 jaar
x € 1.000
Uitzettingen < 1 jaar 31-12-2025 Presentatiecorrectie 31-12-2024
Vorderingen op openbare lichamen 7.228 - 6.141
Overige vorderingen 996 - 727
Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd van één jaar of langer.* 14.453 14.453 -
Totaal 22.677 14.453 6.868
* In de jaarrekening 2024 werden de uitzettingen in 's Rijks schatkist gerapporteerd als financiële vaste activa met een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Na overleg met de accountant blijken dit tegoeden zijn met een rentetypische looptijd korter dan een jaar. Deze worden vanaf nu verantwoord als vlottende financiele activa.
x € 1.000
Specificatie overige vorderingen 31-12-2025 31-12-2024
Debiteuren algemeen 316 314
Debiteuren belastingen 581 248
Voorziening dubieuze debiteuren - 138 - 71
Debiteuren administratief 63 63
Debiteuren VS Bijstandszaken 0 - 27
Debiteuren WWB 594 638
Voorziening oninbaarheid WWB - 416 - 447
Kapitaalsverstrekking BBZ - 4 9
Overige 0 0
996 727
-

Overlopende activa

Terug naar navigatie - Toelichting op de activa - Overlopende activa
x € 1.000
Overlopende activa 31-12-2025 31-12-2024
Nog te ontvangen voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel 119 149
Overige overlopende activa 6.547 4.345
Totaal 6.666 4.494
x € 1.000
Betreft: 31-12-2025 31-12-2024
Afrekening BZF Tozo (met het Rijk) 119 149
Nog te ontvangen voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel 119 149
Vooruitbetaalde kosten/voortuitontvangen facturen 2.364 2.643
Nog te ontvangen bedragen 3.229 1.588
Voorschotkassen AD 4 4
Overige overlopende activa -2 8
Tussenrekening AV Friso /SD 21 12
Nog te ontvangen doeluitkeringen 931 90
Overige overlopende activa 6.547 4.345

Toelichting op de passiva

Vaste passiva

Terug naar navigatie - Toelichting op de passiva - Vaste passiva

De vaste passiva bestaan uit eigen vermogen, voorzieningen en vaste schuld. Per onderdeel wordt een nadere toelichting/specificatie gegeven.

x € 1.000
Vaste passiva 31-12-2025 31-12-2024
Eigen Vermogen 61.677 57.750
Voorzieningen 7.711 6.569
Vaste Schuld 35.162 38.507
Totaal 104.550 102.826

Eigen vermogen

Terug naar navigatie - Toelichting op de passiva - Eigen vermogen

Het eigen vermogen bestaat uit het resultaat van de rekening en de reserves. Het resultaat wordt nader toegelicht in onderdeel Jaarrekening op hoofdlijnen. 

x € 1.000
Resultaat van de rekening 31-12-2025 31-12-2024
Resultaat van rekening 2.529 4.723
Totaal 2.529 4.723

Reserves

Terug naar navigatie - Toelichting op de passiva - Reserves
x € 1.000
Reserves Saldo 31-12-2024 Resultaat 2024 Stortingen Onttrekkingen Saldo 31-12-2025
Algemene Reserve 14.277 3.603 2.500 1.524 18.856
Totaal Algemene Reserve 14.277 3.603 2.500 1.524 18.856
Bestemmingsreserves
Reserve afvalstoffenverwijdering 588 280 308
Reserve vervanging/onderhoud riolering 727 131 596
Reserve spoedzoekers 34 1.120 732 423
Reserve investeringsambities 14.268 3.076 11.193
Reserve energietransitie 384 30 414
Dekkingsreserves kapitaallasten 22.748 - 4.978 368 27.358
Totaal Bestemmingsreserves 38.750 1.120 5.008 4.586 40.292
Totaal 53.027 4.723 7.508 6.110 59.148
+ = storting - = onttrekking x 1.000
Structurele reservemutaties
Stortingen Onttrekkingen
Bestemmingsreserves
Reserve energietransitie 30
Dekkingsreserves kapitaallasten -368
Totaal structurele reservemutaties 30 -368

Toelichting reserves

Terug naar navigatie - Toelichting op de passiva - Toelichting reserves

Algemene reserve
Algemene reserve
Van het rekeningresultaat 2024 is € 3,6 miljoen toegevoegd aan de algemene reserve. Daarnaast is er bij de najaarsnota 2025 een storting van € 2,5 miljoen in de Algemene Reserve gedaan. De onttrekking in 2025 is ruim € 1,5 miljoen. Deze bestaat voor een bedrag van € 646.000 uit de onttrekking van incidentele uitgaven van de budgetten die bij de jaarrekening 2023 en 2024 zijn overgegaan naar het begrotingsjaar 2025. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om de middelen voor de verkeerskundige knelpunten, de implementatie omgevingswet, de uitvoering van het klimaatakkoord, enzovoort. Daarnaast bestaat deze uit een onttrekking van € 878.000 voor het project herinrichting Lycklamaweg.

Bestemmingsreserves

Reserve afvalstoffenverwijdering
Het uitgangspunt is dat de kosten van afvalinzameling en -verwerking voor 100% worden opgevangen uit de opbrengst afvalstoffenheffing. De werkelijke kostendekkendheid (92%) is lager dan de begrootte kostendekkendheid (100%). Met name de kosten waren hoger dan verwacht. Het bedrag dat wordt onttrokken aan de reserve is € 280.000. De exploitatie afvalstoffenverwijdering wordt in programma 7 en de paragraaf lokale heffingen nader toegelicht.

Reserve vervanging/onderhoud riolering
Net als bij de afvalstoffenheffing geldt bij riolering het uitgangspunt van 100% kostendekkendheid. De werkelijke kostendekkendheid van het taakveld riolering is echter iets lager dan verwacht (95%). Om die reden is er een bedrag (€ 130.000) onttrokken uit de reserve. In de analyse op de cijfers van programma 7 en de paragraaf lokale heffingen lichten wij de exploitatie riolering nader toe.

Reserve spoedzoekers
Van het rekeningresultaat 2024 is € 1,1 miljoen gestort in de nieuwe reserve spoedzoekers. Dit betreft het restant van de middelen voor opvang ontheemden uit Oekraïne. Hiermee reserveren wij middelen voor het huisvesten van spoedzoekers. Er is in 2025 een bedrag van € 732.000 onttrokken uit deze reserve voor het project Tjongerpad.

Reserve investeringsambities
In 2025 is een bedrag van € 518.000 onttrokken aan de reserve investeringsambities voor de verbetering van de zwemgelegenheden, € 2,5 miljoen voor het project herinrichting Lycklamaweg en € 60.000 voor de voorbereidingskosten van datzelfde project.

Reserve energietransitie
Bij de Voorjaarsnota 2019 is de bestemmingsreserve energietransitie ingesteld, zodat wij het klimaat- en duurzaamheidsbeleid in Weststellingwerf verder invulling kunnen geven. De structurele voeding van de reserve bestaat uit de jaarlijkse huuropbrengsten van de twee zonneparken in onze gemeente, voor 2025 € 30.000.

Dekkingsreserve kapitaallasten
Deze reserve is ingesteld voor de dekking van de kapitaallasten van diverse projecten. Op het moment dat wij een project afsluiten, gaan de kapitaallasten op de exploitatie drukken. Deze lasten worden gedekt door een onttrekking aan deze bestemmingsreserve. In 2025 is er voor een onttrekking geweest aan deze reserve van € 368.000 voor kapitaallasten. Daarnaast zijn er diverse stortingen gedaan voor de dekking van de kapitaallasten: voor het project herinrichting De Blesse (€ 85.000), huisvesting Oekraïnse ontheemden - Tjongerpad (€ 732.000), project centrumontwikkeling Noordwolde (€ 36.000), project aankoop vastgoed Wolvega ( € 232.000), project verbeteren zwemgelegenheden (€ 518.000) en project herinrichting Lycklamaweg (€ 3,4 miljoen).

Structurele mutaties
De voorschriften vragen om een overzicht van alle structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves. Dit om beter inzicht te krijgen in het structureel en reëel evenwicht. Alle mutaties binnen onze reserves zijn van incidentele aard, met uitzondering van de toevoeging van de huuropbrengsten zonneparken aan de bestemmingsreserve energietransitie en de onttrekking uit de dekkingsreserve kapitaallasten.

Voorzieningen

Terug naar navigatie - Toelichting op de passiva - Voorzieningen
x € 1.000
Voorzieningen Saldo 31-12-2024 Stortingen Aanwen- dingen Vrijval Saldo 31-12-2025
Voorziening Nalatenschap Dames Hofstee 151 151
Voorziening Verlofsparen 359 112 471
Voorziening RVU 152 445 147 449
Voorziening Uitkering Pensioenen Gewezen Wethouders 4.531 1.041 337 160 5.074
Voorziening Opbouw Pensioenen Gewezen Wethouders 846 279 62 1.062
Voorziening Ontslaguitkeringen Wethouders 13 13 00
Voorziening afkoopsom onderhoud graven 518 64 77 504
Totaal 6.569 1.940 561 236 7.711

Toelichting voorzieningen

Terug naar navigatie - Toelichting op de passiva - Toelichting voorzieningen

Voorziening nalatenschap dames Hofstee
Deze voorziening is gevormd uit een legaat met als verplichting dat de rente-opbrengsten ten gunste komen van de Triade. Jaarlijks bepalen wij bij het opstellen van de begroting wat de rente is en dat rentebedrag wordt op verzoek uitbetaald aan Triade. De stand van de voorziening blijft € 150.655.

Voorziening verlofsparen
In de cao 2022 was de invoering van spaarverlof opgenomen. Medewerkers kunnen bovenwettelijke verlof, overwerkvergoeding, gekochte bovenwettelijke uren, verlofuren uit onregelmatig werken en beschikbaarheidsdienst omzetten in spaarverlof. Voor dit spaarverlof, zoals dit vanaf 2022 van toepassing is, moet voor de verplichting een voorziening worden opgenomen. In 2025 is een extra bedrag van € 112.000 in deze voorziening gestort. Daarmee groeit de voorziening gestaag.

Voorziening Regeling vervroegd uittreden (RVU)
In de cao is de RVU opgenomen. Bij de RVU nemen medewerkers ontslag en volgt er een (maandelijkse) ontslagvergoeding die de medewerker in staat stelt om te overbruggen tot aan de AOW-leeftijd. Aangezien de medewerker in die periode geen activiteiten/prestaties voor de gemeente verricht, moet volgens het BBV, een voorziening worden getroffen voor de financiële verplichting die de gemeente tegenover de medewerker en de fiscus heeft op basis van deze regeling. Deze voorziening is in 2023 in het leven geroepen. In 2025 zijn diverse nieuwe RVU-overeenkomsten afgesloten waardoor een extra dotatie aan de voorziening nodig is. Daarnaast zijn de uitgaven vanuit reeds lopende RVU-overeenkomsten uit de voorziening onttrokken. Op basis van de verplichtingen is een bedrag van € 445.000 in deze voorziening gestort.

Algemene informatie over pensioenen wethouders
Het pensioen voor wethouders is geregeld in de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa). Ook bewindspersonen, leden van de Tweede Kamer, gedeputeerden en leden van het dagelijks bestuur van een waterschap (behalve de dijkgraaf) bouwen op grond van die wet pensioen op. De Appa-pensioenpremie wordt op het salaris van de wethouder ingehouden. Deze wordt gestort in de kas van de gemeente in plaats van bij een pensioenfonds. Gemeenten hebben op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) de taak om hiervoor een voorziening te vormen. Daarmee is zichtbaar voor welk bedrag oud- en zittende wethouders pensioen hebben opgebouwd. De gehanteerde rekenrente is gebaseerd op een jaarlijkse circulaire van het ministerie van BZK hierover.

Vanaf 1 januari 2028 gaan de pensioenen van politieke ambtsdragers over naar het nieuwe pensioenstelsel en wordt het overgedragen aan het ABP. Nu de inwerkingtreding van de nieuwe pensioenwet een zekerheid is, zijn wij op basis van een stellige uitspraak van de Commissie BBV verplicht om een extra storting in de voorziening te doen. Deze extra storting moet voldoende zijn om in de toekomst de benodigde overdrachtswaarde te kunnen dekken. Hierbij is gebruikgemaakt van de dekkingsgraad ABP van december 2025: 123,5%. De voorziening moet tot het moment van overdracht aan het ABP jaarlijks worden herzien met als uitgangspunt de benodigde overdrachtswaarde. Dat betekent ook dat de mogelijkheid bestaat dat er, bij bijvoorbeeld een stijgende rente, een vrijval mogelijk is.

Voorziening Uitkering Pensioenen Gewezen Wethouders
Oud-wethouders, die intussen met pensioen zijn, ontvangen uit deze voorziening hun pensioen. De hoogte van de voorziening wordt bepaald aan de hand van actuariële berekeningen. Ten opzichte van vorig jaar is de rekenrente gestegen van 2,325% naar 2,954%. In de circulaire van BZK is bepaald dat de ABP-pensioenen met ingang van 1 januari 2026 worden verhoogd met 2,84%. Dat betekent dat ook de Appa pensioenen met ingang van 1 januari 2026 worden verhoogd met 2,84%. De indexatie is opgenomen in de waardeberekeningen. 

In 2025 is uit de voorziening €337.000 aan pensioenen uitgekeerd. Door de aanpassing van de rekenrente en de indexatie van de pensioenen verandert het benodigde saldo in deze voorziening. Op basis van de actuariële berekeningen kan er een vrijval van € 160.000 plaatsvinden. Naast de reguliere dotatie (€ 75.000), moet er zoals hierboven is beschreven een extra dotatie van € 966.000 voor de waardeoverdracht worden gedaan. De voorziening komt hiermee eind 2025 uit op € 5.074.000.

Voorziening Opbouw Pensioenen Gewezen Wethouders
Voor onze huidige wethouders en oud-wethouders die op dit moment nog niet met pensioen zijn, moeten wij een voorziening vormen die op termijn toereikend moet zijn om ieders pensioen te kunnen betalen. Voor de bepaling van de hoogte van deze voorziening moeten wij gebruik maken van actuariële berekeningen. Hierbij is rekening gehouden met de actuele rekenrenten en indexering van de pensioenen. Ten opzichte van vorig jaar is de rekenrente verhoogd van 2,325% naar 2,954%. In de circulaire van BZK is bepaald dat de ABP-pensioenen met ingang van 1 januari 2026 worden verhoogd met 2,84%. Dat betekent dat ook de Appa pensioenen met ingang van 1 januari 2026 worden verhoogd met 2,84%. De indexatie is opgenomen in de waardeberekeningen. Op basis van de actuariële berekeningen is er per saldo in 2025 € 14.000 in de voorziening gestort. Naast deze dotatie, moet er zoals hierboven is beschreven een extra dotatie van ongeveer € 200.000 voor de waardeoverdracht worden gedaan. De voorziening komt hiermee eind 2025 uit op € 1.062.000.

Voorziening Ontslaguitkeringen Wethouders
Wethouders, die niet hun volledige termijn afmaken, hebben recht op een ontslaguitkering. Dit wordt ook wel wachtgeld genoemd. Een voormalig wethouder heeft recht op een volledige uitkering tot het moment dat hij of zij een nieuwe baan heeft gevonden of een aanvullende uitkering als het salaris in de nieuwe baan lager is. In 2025 is € 13.000 vrijgevallen omdat er op dit moment geen wachtgeldverplichtingen zijn. De voorziening komt hiermee eind 2025 uit op € 0.

Voorziening afkoopsom onderhoud graven
Deze voorziening is bedoeld om het onderhoud van graven te kunnen betalen. De storting is de afkoopsom, die nabestaanden hebben betaald voor het onderhoud van graven in toekomstige jaren. De aanwending betreft de bijdrage aan de exploitatie 2025 om dit onderhoud te kunnen betalen.

 

Vaste schuld

Terug naar navigatie - Toelichting op de passiva - Vaste schuld

Onze vaste schuld met rentetypische looptijd groter dan 1 jaar bestaat uit drie geldleningen.

x € 1.000
Vaste schulden > 1 jaar Oorspr. Bedrag Rente % Einde looptijd Boekwaarde 31-12-2024 Opname 2025 Aflossing 2025 Boekwaarde 31-12-2025 Aflossing totaal Rente 2025
Opgenomen leningen
201601 (BNG 347) 56.901 3,440% 2036 32.007 2.845 29.162 27.739 1.044
201602 (BNG 348) 4.000 1,940% 2037 4.000 4.000 - 78
200901 (ASN 291) 10.000 4,165% 2029 2.500 500 2.000 8.000 101
Totaal 70.901 38.507 - 3.345 35.162 35.739 1.223

Vlottende passiva

Terug naar navigatie - Toelichting op de passiva - Vlottende passiva

De vlottende passiva bestaan uit netto-vlottende schulden met een looptijd korter dan 1 jaar en overlopende passiva. Met name de overlopende passiva zijn toegenomen. Dit heeft te maken met alle ontvangen doeluitkeringen (specifieke uitkeringen) die wij op dit moment ontvangen.

x € 1.000
Vlottende passiva 31-12-2025 31-12-2024
Vlottende schuld 7.585 6.445
Overlopende passiva 10.946 9.693
Totaal 18.531 16.138
x € 1.000
Specificatie vlottende schuld 31-12-2025 31-12-2024
Crediteuren algemeen 2.413 3.188
Crediteuren belastingafdrachten 289 236
Crediteuren Werk en Inkomen 2.226 1.796
Crediteuren SD 299 303
Overig 2.358 922
7.585 6.445

Overlopende passiva

Terug naar navigatie - Toelichting op de passiva - Overlopende passiva
x € 1.000
Overlopende passiva 31-12-2025 31-12-2024
Verplichtingen die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen 2.864 3.500
Ontvangen voorschotten voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van volgende begrotingsjaren 8.082 6.193
Totaal 10.946 9.693
x € 1.000
Betreft: 31-12-2025 31-12-2024
Transitorische rente 237 261
Diverse afdrachten december salarissen 2.282 2.073
BTW nog te betalen 278 250
Nog te betalen kosten 69 914
Vooruit ontvangen bedragen 0 2
Overige -2 0
Verplichtingen die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen 2.864 3.500
Vooruitontvangen doeluitkeringen 8.082 6.193
Ontvangen voorschotten 8.082 6.193

Vooruit ontvangen doeluitkeringen

Terug naar navigatie - Toelichting op de passiva - Vooruit ontvangen doeluitkeringen
x € 1.000
Vooruit ontvangen doeluitkeringen Code SiSa 31-12-2024 Toevoegingen Uitgaven Vrijval 31-12-2025
Van het Rijk:
Onderwijsachterstandenbeleid 2023-2026 (OAB) OCW D8 30 538 387 1 180
Regeling specifieke uitkering inhalen COVID-19 gerelateerde onderwijsvertragingen (NPO) OCW D14 145 - 129 16
Regeling specifieke uitkering gemeentelijke hulp aan gedupeerden kinderopvangtoeslagproblematiek 2021 FIN B2 11 99 84 26
Preventieakkkoord VWS H12 23 23 -
Wet inburgering SZW G10 611 560 268 903
Onderwijsroute SZW G13 2 53 55 -
Aanpak energiearmoede VRO J55 472 214 258
Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) KGG K28 419 1.014 759 674
Specifieke uitkering versterking voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis 2023-2026 VWS H30 292 539 484 347
Regeling houdende regels verstrekking specifieke uitkering aan gemeenten verduurzaming VRO J94 3.556 1.634 327 4.863
Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne AenM M16 - 2.015 1.227 788
Meerkosten Energie Openbare Zwembaden VWS H32 157 157 -
Regeling specifieke uitkering stimulering sport VWS H4 8 8 -
- -
Van overige Nederlandse overheidslichamen: - -
Regeling specifieke uitkering versnelling natuurinclusief isoleren (SiSa tussen medeoverheden) VRO J117B 12 141 153 -
Regiodeals 3e tranche (SiSa tussen medeoverheden) VRO J75B 455 33 488 -
Flexibele inzet woningbouw VRO J210B - 71 43 28
Totaal 6.193 6.697 4.806 1 8.082

Vooruit ontvangen doeluitkeringen

Terug naar navigatie - Toelichting op de passiva - Vooruit ontvangen doeluitkeringen

Onderwijsachterstandsbeleid (OAB)
Wij krijgen een Rijksbijdrage voor de OAB die wij voor meerdere jaren moeten inzetten. Het saldo van de baten en lasten van deze rijksbijdrage is toegevoegd aan deze post en als zodanig gereserveerd voor latere jaren omdat het geoormerkte gelden zijn. 

Nationaal Programma Onderwijs (NPO)
Het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) heeft als doel om leerlingen te helpen die vertraging hebben opgelopen in hun leerontwikkeling. Deze regeling liep tot eind juli 2025.

Gemeentelijke hulp aan gedupeerden kinderopvangtoeslagproblematiek 2021
SPUK gemeentelijke hulp aan gedupeerden kinderopvangtoeslagproblematiek 2021 gaat over de specifieke uitkering die gemeenten ontvangen om lokale ondersteuning te bieden aan ouders die gedupeerd zijn door de toeslagenaffaire. Deze vergoedt de kosten die gemeenten maken voor brede ondersteuning aan gedupeerde ouders. Het gaat om maatwerk en kan per gezin verschillen. 

Nationaal preventieakkoord
Wij hebben meegedaan aan het Nationaal Preventieakkoord. Dit betrof een jaarlijkse Rijksbijdrage van € 20.000 van 2021 tot en met 2023. Deze middelen zijn gebruikt door de gemeente om preventief in te zetten op het terugdringen van roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik in samenwerking met lokale partners. 

Wet inburgering 
Per 1 januari is de nieuwe Wet inburgering van kracht. Voor de uitvoering hiervan hebben wij in een SPUK uitkering van het Rijk gekregen. Het restant van deze rijksbijdrage is toegevoegd aan de balans om in te kunnen zetten voor 2026.  

Onderwijsroute
De onderwijsroute inburgering is een route vooral voor jongeren. Zij leren de Nederlandse taal op niveau B1 of hoger. Ook worden zij dan voorbereid op het volgen van een mbo-, hbo- of universitaire opleiding. Er is door het Rijk een specifieke uitkering verstrekt voor het realiseren van aanbod voor de onderwijsroute en voor voorzieningen die voor de doelgroep worden getroffen. Dit is in 2025 volledig uitgegeven. 

Aanpak energiearmoede
De gemeente heeft een specifieke uitkering ontvangen voor aanpak energiearmoede. Tot en met 31 december 2026 heeft de gemeente de tijd om deze middelen uit te geven. Met deze SPUK middelen kunnen gemeenten huishoudens ondersteunen met het nemen van kleine en grote energiebesparende maatregelen. Hierbij is het mogelijk aan te sluiten bij een bestaande aanpak. Deze aanpak kan variëren van kleine maatregelen, zoals energiedisplays en radiatorfolie, tot aan een bijdrage aan grotere isolatiemaatregelen zoals vloer- en spouwmuurisolatie. Het doel van deze maatregelen is directe verlaging van het energieverbruik of de energierekening.

Capaciteit klimaat en Energiebeleid CDOKE
Deze doeluitkering betreft personele (90%) en bijbehorende materiële kosten (10%) voor het uitvoeren van het Nationaal Klimaatakkoord (Regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid/CDOKE). Het bedrag is als SPUK ontvangen voor 3 jaar (2023, 2024 en 2025). In 2026 ontvangen wij dit als decentralisatie uitkering (algemeen middel) en daarna waarschijnlijk als Brede Fondsuitkering. Omdat de aard een structurele taak is mogen wij deze ontvangen middelen van het Rijk en de provincie als structureel bestempelen. 

Brede SPUK regeling voor gezondheid en sport BR0039
Deze SPUK regeling is ten behoeve van sport-beweegstimulering, het bevorderen van cultuurparticipatie, gezondheidsbevordering en het versterken van de sociale basis voor de jaren 2023 – 2026. Deze regeling is onderverdeeld in diverse projecten, in programma 5, 6 en 7 lichten wij deze per onderdeel toe. 

Lokale aanpak Isolatie
Voor de periode tot en met 2028 heeft het Rijk de gemeente een SPUK toegekend voor het isoleren van particuliere woningen met de slechtste energie-labels (D, E, F of G) en een WOZ-waarde die lager is dan € 429.300. In samenwerking met de andere Friese gemeenten en de provincie Fryslân wordt een regeling uitgewerkt en in uitvoering gebracht. 

Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne
De Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne vergoedt de kosten die gemeenten maken voor het bieden van opvang aan Oekraïense ontheemden. De regeling is gebaseerd op de Tijdelijke wet opvang ontheemden Oekraïne. De vergoeding bestaat uit normbedragen per opgevangen persoon, aangevuld met specifieke vergoedingen. De belangrijkste onderdelen zijn:

  • Leefgeld — voor voedsel, kleding en persoonlijke uitgaven van ontheemden.
  • Wooncomponent — voor vervoer, activiteiten buitenshuis en bijdragen aan particuliere huishoudens.
  • Kosten van opvangvoorzieningen — zoals huisvesting, inrichting, energie, beveiliging en beheer.
  • Overige uitvoeringskosten — afhankelijk van de landelijke normbedragen en eventuele wijzigingen (zoals herijkingen in 2024)

Regeling specifieke uitkering versnelling natuurinclusief isoleren
De regeling Specifieke uitkering versnelling natuurinclusief isoleren is een landelijke SPUK die gemeenten en provincies ondersteunt bij het versnellen van isolatiemaatregelen op een manier die rekening houdt met beschermde diersoorten. De regeling is bedoeld om vertraging bij isolatieprojecten te voorkomen doordat beschermde diersoorten (zoals vleermuizen, gierzwaluwen en huismussen) in gebouwen verblijven.

Regiodeal Zuidoost Friesland

De Regiodeal omvatte in totaal een bedrag van € 30 miljoen. Daarvan werd € 15 miljoen door het Rijk geïnvesteerd en de regio stond garant voor € 15 miljoen cofinanciering. In 2025 hebben wij alleen nog uitgaven gedaan voor het project Bestemming Wolvega. Deze zijn ten laste van de Rijksbijdrage gebracht. Wij hebben in de loop van 2025 nog een extra bijdrage vanuit de Regiodeal ontvangen van € 33.500 voor het project Bestemming Wolvega. De Regiodeal is in 2025 afgerond.

 

Niet uit de balans blijkende verplichtingen

Terug naar navigatie - Toelichting op de passiva - Niet uit de balans blijkende verplichtingen

De gemeente is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende, niet uit de balans blijkende, financiële verplichtingen. Naast de vaste schulden (opgenomen geldleningen) staat de gemeente Weststellingwerf garant voor onderstaande leningen. Bij de indirect gegarandeerde leningen staat het Rijk voor 50% garant en de gemeente voor 50%. 

x € 1.000
Niet uit de balans blijkende verplichtingen 31-12-2025 31-12-2024
Huur - en leasecontracten 4.701 2.093
Gewaarborgde geldleningen 100% garantstelling 1.735 2.034
Gewaarborgde geldleningen 50% garantstelling 22.833 22.918
Totaal 29.269 27.045

 

x € 1.000
Gegarandeerde geldleningen Waarborg 100% Geldnemer Datum laatste aflossing Rente % Oorspr Bedrag Restant lening 31-12-2024 Restant lening 31-12-2025
BNG
Verzelfstandiging Soolstede Stichting Alliade 19-06-2030 3,850 2.050 680 577
Verzelfstandiging Soolstede Stichting Alliade 23-10-2030 3,945 3.779 1.262 1.072
ING
089-004069 W.G. Leurs 76 51 51
Rabobank
F.C. Wolvega Stichting Sportpark Molenwiek 08-03-2033 6,600 125 41 35
Totaal 6.030 2.034 1.735
x € 1.000
Indirect gegarandeerde geldleningen* Waarborg 50% Geldnemer Datum laatste aflossing Rente % Oorspr Bedrag Restant lening 31-12-2024 Restant lening 31-12-2025
BNG
Indirect gegarandeerde geldleningen vorig jaar
40103017 Stichting WoonFriesland 3.100 3.100 3.100
40114339 Woningst. Weststellingwerf 3.000 3.000 3.000
FLEX.465.02 Woningst. Weststellingwerf 5.000 2.000 -
40112530 Woningst. Weststellingwerf 3.500 3.500 3.500
40114907 Woningst. Weststellingwerf 5.000 5.000 5.000
40113856 Woningst. Weststellingwerf 4.000 4.000 4.000
40113857 Woningst. Weststellingwerf 4.000 4.000 4.000
408027503 Woningst. Weststellingwerf 1.900 1.735 1.566
FLEX.701.03 Woningst. Weststellingwerf 3.500 1.500 -
FLEX.465.03 Woningst. Weststellingwerf 5.000 - 3.000
FLEX.701.04 Woningst. Weststellingwerf 3.500 - 3.500
Ned. Waterschaps Bank
WSW 41770 Woningst. Weststellingwerf 29-01-2025 4,450 3.000 3.000 -
WSW 39219 Woningst. Weststellingwerf 21-06-2027 4,849 5.000 5.000 5.000
Aegon
WSW 49842 Stichting WoonFriesland 03-03-2070 0,260 10.000 10.000 10.000
Totaal 59.500 45.835 45.666
Hiervan 50% indirect gegarandeerd 29.750 22.918 22.833