Verschil tussen structurele en incidentele inkomsten en uitgaven
Om te bepalen of de begroting van een gemeente in balans is op de lange termijn, is het belangrijk om te weten of uitgaven structureel of incidenteel zijn. Omdat een gemeente meestal structurele taken uitvoert, zijn de structurele inkomsten en uitgaven normaal. Incidentele inkomsten en uitgaven komen minder vaak voor.
Deze incidentele inkomsten en uitgaven moeten volledig worden opgenomen in een verplicht overzicht van incidentele baten en lasten. Dit overzicht wordt opgenomen in zowel de begroting, de meerjarenraming als de jaarrekening.
Bij het bepalen of een uitgave of inkomstenpost incidenteel is, moeten de richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) gevolgd en toegelicht worden. De toelichting moet minimaal de volgende informatie bevatten: Waarom deze post als incidenteel wordt beschouwd en hoelang de post duurt, met een duidelijke en onvoorwaardelijke einddatum.
Toelichting op de tabel
Grondexploitaties (lasten programma 3 en programma 8)
Mutaties grondexploitaties zijn naar de aard van de raming incidenteel. Het totaal van de lasten en het totaal van de baten grondexploitatie dient in het overzicht van incidentele baten en lasten opgenomen te worden. De mutatie met de balanspost voorraden, waarmee een saldo van € 0 gerealiseerd wordt, wordt afzonderlijk opgenomen in het overzicht van incidentele baten en lasten. De mutaties grondexploitatie hebben dus geen invloed op het structureel begrotingssaldo. Overigens niet te verwarren met de (tussentijdse) winstneming grondexploitatie, die heeft namelijk wel invloed op het begrotingssaldo en is ook altijd incidenteel.
SPUK Onderwijsachterstandbeleid OAB
De SPUK OAB (Specifieke Uitkering Onderwijsachterstandenbeleid) is een geldstroom van de Rijksoverheid waarmee gemeenten de taak uitvoeren om leer- en onderwijsachterstanden bij jonge kinderen te voorkomen en te bestrijden. Het geld is vooral bedoeld voor vve (voor- en vroegschoolse educatie), schakelklassen en extra begeleiding op school.
Opgroeien Kansrijke Omgeving (OKO)
Om de doelen die gesteld zijn binnen het gezondheidsbeleid, jeugdbeleid en onderwijsbeleid te behalen is een brede integrale aanpak nodig. Een methodische aanpak waarin wordt gewerkt vanuit bewezen effectieve interventies. De OKO aanpak biedt hiervoor een goed en onderbouwd kader. De kosten gaan voor de baten in deze preventieaanpak. Het doel is dat op termijn er een kostenbesparing kan plaatsvinden op de inzet van (geïndiceerde) jeugdzorg en jeugdhulp. Daarnaast zal het niet alleen een besparing zijn op financiële middelen voor de jeugd maar zal het gezond opgroeien (fysiek en mentaal) ook op de langere termijneffect hebben op een gezonder leven voor inwoners.
We willen inzetten op het vergroten van de kans op een veerkrachtig en gezond leven. Het draait om een preventief jeugdbeleid, onderwijs en talentontwikkeling en zorg en ondersteuning voor jonge inwoners die met problemen kampen. We weten dat de groep met een ongunstige sociaaleconomische positie extra kwetsbaar is voor gezondheidsproblemen. Zij leven gemiddeld zelfs 15 jaar korter in goede gezondheid dan mensen met een gunstiger sociaaleconomische positie*. Deze ongelijkheid werkt vaak generaties lang door. Vandaar dat we extra willen inzetten om dit zoveel mogelijk te doorbreken. Dit past ook bij het landelijke beleid gericht op het verkleinen van gezondheidsachterstanden.
*https://digitaal.scp.nl/ssn2020/gezondheid/
Nota omgevingskwaliteit (voorheen welstandsnota)
Er wordt in OWO-verband, vanuit het project Omgevingswet, gewerkt aan het opstellen van nieuw beleid voor welstand. Omdat de Omgevingswet een meer integrale benadering vraagt wordt er niet meer gesproken over een welstandsnota maar over een nota Omgevingskwaliteit. De gezamenlijke aanpak is door de OWO gemeenten begin 2026 opgeleverd. Aan de hand van die aanpak werken wij in 2026 aan de drie nieuwe nota’s omgevingskwaliteit, te starten met de gemeente Weststellingwerf. Het eindresultaat is een Nota Omgevingskwaliteit voor Weststellingwerf. Wij maken voor het opstellen van de nota gebruik van een deskundig bureau.
Omgevingsplan (OWO)
Onder de omgevingswet moet elke gemeente voor 2032 een gebiedsdekkend omgevingsplan opstellen. Dit omgevingsplan vervangt de bestemmingsplannen, een deel van de gemeentelijke verordeningen en de ‘bruidsschat’ (= de rijksregels die overgedragen zijn aan de gemeente). Binnen OWO werken we al meerdere jaren samen als voorbereiding op de invoering van de omgevingswet. De ‘Begroting OWO omgevingswetkosten’ is opgesteld om inzicht te krijgen in de kosten die de komende jaren op ons af komen vanwege de werkzaamheden die moeten worden verricht vanwege de invoering van de Omgevingswet. Een belangrijk deel van de begroting is de transitiefase om te komen tot een gebiedsdekkend omgevingsplan, maar ook moeten processen verder ingericht worden en moet de kennis van de ambtenaren verder op pijl worden gebracht.
We hebben de intentie om samen te kiezen voor dezelfde structuur en opbouw van het omgevingsplan. Ook willen we een groot deel van de juridische regels hetzelfde laten zijn. De regels die in de huidige situatie te ver uit elkaar liggen blijven verschillend per gemeente. Dit geldt voor regels die op praktische of politieke bezwaren stuiten. De concept-regels worden voorgelegd aan en besproken in het gezamenlijk portefeuillehoudersoverleg omgevingswet. Het omgevingsplan wordt per gemeente uitgewerkt (inclusief kaartmateriaal en specifieke gebiedseigen regels) en voorgelegd aan de gemeenteraad. Het is een intensieve samenwerking, waarvan periodieke evaluatie noodzakelijk is. Het omgevingsplan wordt opgesteld in delen. Na afronding van elk deel zorgt de opdrachtgever voor evaluatie van de samenwerking, de tijd (aantal uren en doorlooptijd), de kosten en de kwaliteit van het product.
Impulsregeling kleine dorpen
In maart 2026 heeft de raad ingestemd met het beleidskader Impulsregeling kleinschalige woningbouw in de dorpen en hiervoor is € 1.000.000 voor beschikbaar gesteld (2026: € 300.000, 2027: € 350.000 en 2028: € 350.000).
Deze impulsregeling ondersteunt kleinschalige woningbouwprojecten in de dorpen in de voorfase en compenseert het onrendabele deel tussen de sociale kavelprijs voor sociale huurwoningen en de m2 grondprijs voor starterswoningen.
Regeling doorstroomlocatie Hoofdweg Wolvega/Dekking bekostingsregeling huisvesting vergunninghouders
Voor de noodhuisvesting statushouders aan de Hoofdweg is de bekostigingsregeling huisvesting vergunninghouders in doorstroomlocaties aangevraagd en toegekend. Deze middelen worden ingezet voor de begeleiding en huisvesting van statushouders.
Storting reserves
In 2027 wordt er € 2 miljoen gestort in de reserve dynamische investeringsagenda voor MFC Groote Veenpolder. Daarnaast worden de onttrekkingen uit de algemene reserve van € 2 miljoen voor sportaccommodaties en € 100.000 voor Fonds Historische gevels gestort in de reserve dynamische investeringsagenda. Tot slot wordt de storting van de huuropbrengst van de zonneparken van € 30.000 ook als incidenteel gezien. Dit bedrag wordt gestort in de bestemmingsreserve energietransitie. Stortingen in de reserves zijn lasten voor de exploitatie.
SPUK Realisatie stimulans
Het doel van het kabinet is dat 100.000 nieuwe woningen per jaar worden gerealiseerd, waarvan twee derde betaalbaar. Om gemeenten beter in staat te stellen deze opgave te verwezenlijken is de Realisatiestimulans geïntroduceerd: een jaarlijkse, voorspelbare bijdrage aan gemeenten, gebaseerd op het totaal aantal betaalbare woningen dat in een gemeente naar start bouw wordt gebracht van 2025 t/m 2029. Wij verwachten hier jaarlijks inkomsten voor te ontvangen.
Onttrekking reserves
In 2027 wordt er incidenteel € 350.000 onttrokken uit de reserve dynamische investeringsagenda voor de Impulsregeling kleinschalige woningbouw. Daarnaast wordt er € 2 miljoen onttrokken uit de Algemene reserve voor sportaccommodaties, € 100.000 voor een Fonds Historische gevels en € 1 miljoen om toe te voegen aan het saldo om de begroting sluitend te maken. Tot slot is er vanuit de jaarrekening 2025 budget overgeheveld naar 2027. Dit betreft de welstandsnota (€ 50.000). Dit wordt ook onttrokken aan de algemene reserve. Onttrekkingen uit de reserve zijn baten voor de exploitatie.