Jaarrekening - Balans per 31 december 2020

Inhoud

Balans per 31 december 2020

x € 1.000
Activa 31-12-2020 31-12-2019 Passiva 31-12-2020 31-12-2019
Vaste activa Vaste passiva
Immateriële Vaste Activa 1.244 937 Eigen vermogen 33.329 30.510
Materiële Vaste Activa 61.938 63.292 Voorzieningen 6.461 6.203
Financiële Vaste Activa 8.991 5.531 Vaste Schuld 51.887 55.232
Totaal Vaste activa 72.173 69.760 91.677 91.945
Vlottende activa Vlottende passiva
Voorraden 18.659 21.462 Vlottende schuld 5.788 5.179
Uitzettingen 4.856 7.173 Overlopende passiva 2.375 1.928
Liquide middelen 470 468
Overlopende activa 3.682 189
Totaal Vlottende activa 27.667 29.292 8.163 7.107
Totaal Activa 99.840 99.052 99.840 99.052

Uitgebreide balans activa

x € 1.000
Activa 31-12-2020 31-12-2019
Vaste Activa
Immateriële Vaste Activa
Kosten onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief 436 50
Bijdrage aan activa in eigendom van derden 808 887
Totaal Immateriële Vaste Activa 1.244 937
Materiële Vaste Activa
Economisch nut 40.948 42.300
Economisch nut, dekking door heffing 17.845 17.488
Maatschappelijk nut 3.145 3.504
Totaal Materiële Vaste Activa 61.938 63.292
Financiële Vaste Activa
Kapitaalverstrekking aan deelnemingen 321 321
Leningen aan deelnemingen 17 17
RC-verhouding met het Rijk 7.277 3.443
Overige langlopende leningen 1.376 1.747
Leningen aan overige verbonden partijen 2
Totaal Financiële Vaste Activa 8.991 5.531
Totaal Vaste Activa 72.173 69.760
Vlottende Activa
Voorraden
Onderhanden werk (bouwgronden in exploitatie woningen) 13.630 15.539
Onderhanden werk (bouwgronden in exploitatie bedrijventerrein) 5.027 5.922
Gereed product en handelsgoederen 2 1
Totaal Voorraden 18.659 21.462
Uitzettingen
Vorderingen op openbare lichamen 3.908 4.027
Overige vorderingen 948 3.146
Totaal Uitzettingen 4.856 7.173
Liquide Middelen
Banken 470 468
Totaal Liquide Middelen 470 468
Overlopende Activa
Overige overlopende activa 3.682 189
Totaal Overlopende Activa 3.682 189
Totaal Vlottende Activa 27.667 29.292
Totaal Activa 99.840 99.052
Verschuldigde VPB nihil nihil

Uitgebreide balans passiva

x € 1.000
Passiva 31-12-2020 31-12-2019
Vaste Passiva
Eigen vermogen
Algemene reserve 18.908 18.995
Bestemmingsreserves 13.080 11.515
Saldo van rekening 1.341 0
Totaal Eigen vermogen 33.329 30.510
Voorzieningen
Voorzieningen 6.461 6.203
Totaal Voorzieningen 6.461 6.203
Vaste Schuld
Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen 51.887 55.232
Totaal Vaste Schuld 51.887 55.232
Totaal Vaste Passiva 91.677 91.945
Vlottende Passiva
Vlottende Schuld
Overige vlottende schulden 5.788 5.179
Totaal Vlottende Schuld 5.788 5.179
Overlopende Passiva
Overige overlopende passiva 2.375 1.928
Totaal Overlopende Passiva 2.375 1.928
Totaal Vlottende Passiva 8.163 7.107
Totaal Passiva 99.840 99.052
Niet uit de balans blijkende verplichtingen:
Gewaarborgde leningen en garantstellingen 29.791 34.547
Huur en leasecontracten 619 433
30.410 34.980

Toelichting op de balans per 31 december 2020

De toelichting op de balans per 31 december 2020 is te vinden in de onderdelen toelichting op de activa en passiva.

Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling

Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling

Inleiding
De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door de gemeenteraad op d.d. 12 december 2016 de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld.

Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening

  • De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij desbetreffende post anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden.
  • De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.
  • Dividendopbrengsten van deelnemingen worden als bate genomen op het moment waarop het dividend betaalbaar wordt gesteld.
  • Eventuele schattingen en hiermee verbonden veronderstellingen zijn gebaseerd op ervaringen uit het verleden en verschillende andere factoren die gegeven de omstandigheden als redelijk worden beschouwd. De jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling.
  • Met betrekking tot de verwerking van de algemene uitkering heeft de commissie BBV een stellige uitspraak gedaan. Deze uitspraak houdt in dat in de jaarrekening de algemene uitkering wordt opgenomen conform de in het jaar laatst gepubliceerde accresmededeling, die doorgaans is opgenomen in de september circulaire van het boekjaar.
  • Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen dan wel schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken.
  • Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenbegroting, te weten 4 jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden.

Presentatie- en stelselwijzigingen

RC-verhouding met het Rijk (schatkist)
De rekening-courant verhouding met het Rijk (schatkistbankieren) is niet meer opgenomen onder de uitzettingen, maar onder de Financiële Vaste Activa. Dit is overeenkomstig de voorschriften van de commissie BBV. 

Vaste activa

Immateriële vaste activa
Algemeen
De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- dan wel de vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn. Eventuele van derden verkregen specifieke investeringsbijdragen worden in mindering gebracht op het geactiveerde bedrag (artikel 62 lid 2 BBV). Hierbij wordt de verkregen bijdrage als bate verantwoord.

Kosten van onderzoek en ontwikkeling van een bepaald actief
De kosten van onderzoek en ontwikkeling worden in 5 jaar afgeschreven. De afschrijving van de geactiveerde kosten van onderzoek en ontwikkeling vangt aan bij ingebruikneming van het gerelateerde materiële vaste actief.

Bijdragen aan activa in eigendom van derden
Bijdragen aan activa van derden worden, mits dit financieel haalbaar is, in één keer ten laste van de exploitatie gebracht en kunnen worden gedekt uit de algemene reserve, dan wel een daartoe bestemde reserve. Indien dit financieel niet haalbaar is, kunnen zij worden geactiveerd met een afschrijvingstermijn van 15 jaar. Dergelijke geactiveerde bijdragen zijn gewaardeerd tegen het bedrag van de verstrekte bijdragen, verminderd met de afschrijvingen.

Materiële vaste activa
Algemeen
Activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. In de vervaardigingsprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak die aan de vervaardiging van het actief worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze kosten worden geactiveerd.

Investeringen met economisch nut 
Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht.

Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven.

De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren:

Gronden en terreinen n.v.t.
Woonruimten 20 - 40 jaar
Bedrijfsgebouwen 20 - 50 jaar
Vervoermiddelen 7 - 12 jaar
Machines, apparaten en installaties 5 - 15 jaar

Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven
Wanneer investeringen grotendeels of meer worden gedaan voor riolering, het inzamelen van huishoudelijk afval of andere alsook voor rechten die op grond van artikel 229 lid 1 a en b Gemeentewet worden geheven, dan worden deze investeringen op de balans opgenomen in deze categorie.

Investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut
Investeringen met een maatschappelijk nut worden, evenals investeringen met een economisch nut, geactiveerd en over de verwachte toekomstige gebruiksduur afgeschreven.

De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren:

Speelvoorzieningen 25 jaar
Reconstructie/aanleg wegen, fietspaden en voetpaden 25 jaar
Beschoeiing, tunnels, duikers, steigers en bushaltes 25 jaar
Openbare verlichting 20 jaar
Bruggen 10 - 25 jaar

Financiële vaste activa
Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en overige verbonden partijen, (overige) leningen u/g en (overige) uitzettingen zijn - tenzij hierna anders vermeld - opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht.

Participaties in het aandelenkapitaal van NV's en BV's (kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering plaatsvinden.

Van een deelneming is krachtens artikel 1 lid d BBV sprake als de gemeente participeert in het aandelenkapitaal van een NV of een BV.

Vlottende activa

Voorraden
Onderhanden werk, gronden in exploitatie
De als onderhanden werken opgenomen bouwgronden in exploitatie zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs, dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingsprijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijpmaken) alsmede de rentekosten berekend zoals voorgeschreven in het BBV en de administratie- en beheerskosten.

Voor winstneming geldt de Percentage Of Completion (POC) methode: voor zover gronden zijn verkocht en opbrengsten zijn gerealiseerd kan tussentijds naar rato van de voortgang van de grondexploitatie winst worden genomen. Hiervoor moet het resultaat op de grondexploitatie wel op betrouwbare wijze kunnen worden ingeschat. Indien aan de voorwaarden is voldaan, bestaat er voldoende zekerheid om winst te kunnen nemen:

  1. Het resultaat op de grondexploitatie kan betrouwbaar worden ingeschat;
  2. De grond (of het deelperceel) moet zijn verkocht;
  3. De kosten zijn gerealiseerd (winst wordt naar rato van de realisatie gerealiseerd).

Zolang daar geen sprake van is, worden de verkregen verkoopopbrengsten ten volle op de vervaardigingskosten in mindering gebracht.

Gereed product
Gerede producten worden gewaardeerd tegen de kostprijs of tegen de marktwaarde indien de marktwaarde lager is dan de kostprijs. Dat laatste doet zich vooral voor indien voorraden incourant worden. De kostprijs bestaat uit de verrekenprijzen van grond- en hulpstoffen en de loon- en machinekosten die aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. 

Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar
Vorderingen
De vorderingen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen.

Liquide middelen en overlopende posten
Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen.

Vaste passiva

Voorzieningen
Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De pensioenverplichting ten behoeve van de wethouders is echter tegen de contante waarde van de (reeds opgebouwde) toekomstige uitkeringsverplichtingen gewaardeerd. De gehanteerde rekenrente is gebaseerd op de jaarlijks door het ministerie van BZK gepubliceerde circulaire. 

Vaste schulden
Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer.

Vlottende passiva

Vlottende passiva
De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Borg- en garantstellingen
Voor zover leningen door de gemeente gewaarborgd zijn, is buiten de balanstelling het totaalbedrag van de geborgde schuldrestanten per einde boekjaar opgenomen. Overigens is in de toelichting op de balans nadere informatie opgenomen.

Overzicht van baten en lasten

In alle gepresenteerde tabellen met de cijfers van de jaarrekening versus begroting staan kolommen met de namen actuele begroting en primitieve begroting. 
Met actuele begroting wordt bedoeld de begroting ná wijzigingen en met primitieve begroting wordt bedoeld de begroting zoals die oorspronkelijk is vastgesteld door de raad in november 2019.

Gemeentefonds
De basis voor de hoogte van de gemeentefondsuitkering is de laatste circulaire over 2020 die we in december hebben ontvangen. De omvang van het gemeentefonds op basis van de koppeling met de rijksuitgaven is voor het laatst bijgesteld in de septembercirculaire 2020. 
 

Vennootschapsbelasting (Vpb)
Met ingang van 1 januari 2016 is de Wet Vpb gewijzigd en zijn overheden belastingplichtig voor de Vpb. Deze wijziging betekent dat de gemeente vanaf 1 januari 2016 vennootschapsbelasting moet gaan betalen over de winst op bepaalde activiteiten. Deze winst moet bepaald worden op basis van fiscale waarderingsgrondslagen. Deze wijken op bepaalde punten af van de grondslagen uit het BBV. Fiscaal zullen resultaten dus afwijken van de resultaten in de jaarrekening. Dit betekent dat een afzonderlijke fiscale administratie gevoerd wordt om de waarde van de bezittingen, schulden en het resultaat te bepalen.

De koepelorganisaties en de Belastingdienst hebben zich verenigd in de Samenwerking Vennootschapsbelasting Lokale Overheden (SVLO) met als doel overeenstemming te bereiken met betrekking tot handreikingen voor de praktijk voor de fiscale waarderingsgrondslagen. Op basis van onze eerste berekeningen hebben wij een bedrag voor te betalen Vpb opgenomen in de jaarrekening 2020.

Resultaatbestemming
Alle mutaties in reserves zijn gedekt door een vóór 31 december van het jaar genomen raadsbesluit dan wel principebesluit van de raad om bepaalde (toekomstige) baten en/of lasten te muteren in een bepaalde reserve.

Toelichting op de activa

Vaste activa

De vaste activa bestaan uit immateriële vaste activa; materiële vaste activa en financiële vast activa. Per onderdeel wordt een nadere toelichting/specificatie gegeven.

x € 1.000
Vaste activa Boekwaarde 31-12-2019 Investeringen Desinvestering Afschrijving Boekwaarde 31-12-2020
Immateriële vaste activa 937 386 78 1.244
Materiële vaste activa 63.292 2.551 35 3.870 61.938
Financiële vaste activa 5.531 3.834 372 8.991
Totaal 69.760 6.771 35 4.320 72.173

Immateriële vaste activa

x € 1.000
Immateriële vaste activa Boekwaarde 31-12-2019 Investeringen Desinvestering Afschrijving Boekwaarde 31-12-2020
Kosten van onderzoek en ontwikkeling 50 386 436
Activa in eigendom van derden 887 78 808
Totaal 937 386 - 78 1.244
Specificatie immateriële vaste activa Boekwaarde 31-12-2019 Investeringen Desinvestering Afschrijving Boekwaarde 31-12-2020
Kosten van onderzoek en ontwikkeling
Voorbereidingskosten aanpak Lycklamaweg 19 19
Voorbereidingskosten herinrichting De Blesse 32 195 227
Voorbereidingskosten centrumontwikkeling Wolvega 172 172
Voorbereidingskosten voor grondexploitaties 18 18
Activa in eigendom van derden betreffen:
Een bijdrage voor nieuwbouw dorpsaccommodatie De Hoeve in 2012 80 10 70
Een bijdrage voor de onderdoorgang Om den Noort 736 61 674
Een bijdrage voor bouwkundige aanpassingen Griffioenpark 3 71 7 64
937 386 0 78 1.244

Materiële vaste activa

De materiële activa worden onderverdeeld in economisch, nut, economisch nut met dekking door heffing en maatschappelijk nut.

x € 1.000
Materiële vaste activa Boekwaarde 31-12-2019 Investeringen Desinvestering Afschrijving Boekwaarde 31-12-2020
Economisch nut
Bedrijfsgebouwen 31.683 79 8 1.537 30.217
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken 2.940 69 184 2.825
Overige machines 1.518 613 11 335 1.785
Overige materiele vaste activa 2.904 394 16 643 2.639
Vervoermiddelen 1.019 397 163 1.253
Gronden en terreinen 1.982 1.982
Woonruimten 254 6 248
Totaal Economisch nut 42.300 1.552 35 2.868 40.949
Economisch nut, dekking door heffing
Gronden en terreinen 60 60
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken 17.428 737 482 17.682
Vervoersmiddelen - 103 103
Totaal Economisch nut, dekking door heffing 17.488 840 - 482 17.845
Maatschappelijk nut
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken 3.504 159 518 3.145
Totaal Maatschappelijk nut 3.504 159 - 518 3.145
Totaal 63.292 2.551 35 3.868 61.938

Belangrijkste (des)investeringen

Investeringen:

In het onderstaand overzicht staan de belangrijkste (des)investeringen vermeld. 

Desinvesteringen
De desinvesteringen van totaal € 35.000 komen voort uit 4 activa., onder de volgende posten materiële vaste activa:

  1. bedrijfsgebouwen:
  2. overige machines:
  3. overige materiële vaste activa: 

 

x € 1.000
Belangrijkste investeringen Investeringen 2020 Beschikbaar krediet 2020 Investeringen cumulatief
Economisch nut
Gebouwen
MJOP renovatie douche en toiletgr. plan Zuid 67 46 67
Overige materiele vaste activa
Vervangingsbudget software 2020 80 570 80
Vervoersmiddelen
Tractie 2020 347 380 347
Overige machines
Vervangingen Hardware 2019 148 163 855
Vervangingsbudget hardware 2020 81 60 81
ICT Aanpassing werkplekken hardware 128 100 128
Vervanging automatisering 2020 w.o laptops 160 630 160
Maatschappelijk nut
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken
Vervanging openbare verlichting 2019 112 134 167
Economisch nut, dekking door heffing
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken
Vervangen rioolgemalen (elektromechanisch) 2019 103 116 138
Vervangen riolering 2019 90 191 171
Vervanging riolering 2020 425 607 425
Vervoersmiddelen
Vervanging rioolvoertuig 103 100 103

Financiële vaste activa

x € 1.000
Financiële vaste activa Boekwaarde 31-12-2019 Investeringen Desinvesteringen Aflossingen Boekwaarde 31-12-2020
Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen 321 321
Leningen aan deelnemingen 17 17
Rc-verhouding met het Rijk (schatkist) 3.443 3.834 7.277
Overige langlopende leningen 1.748 372 1.376
Leningen aan overige verbonden partijen 2 2 -
Totaal 5.531 3.834 - 374 8.991

Kapitaalverstrekkingen

x € 1.000
Kapitaalverstrekking aan deelnemingen 31-12-2020 31-12-2019
Deelneming Afvalsturing Friesland BV 55 55
Deelneming BNG 145 145
Kap.verstrekkingen Volkskredietbank 121 121
Totaal 321 321

Verstrekte leningen

x € 1.000
Verstrekte leningen Oorspr. Bedrag Begin looptijd Einde looptijd Boekwaarde 31-12-2019 Opname 2020 Aflossing 2020 Boekwaarde 31-12-2020 Aflossing totaal Rente 2020
A. Leningen aan Woningbouwcorporaties
-
Totaal leningen aan Woningbouwcorporaties - - - -
B. Overige langlopende geldleningen
Speelwerk Kinderopvang 590 2002 2028 354 354 - 590
Overgedr.hypotheken aan Comperio 1.532 2009 195 2 193 1.339 1
Hyp. geldleningen ambtenaren div. div. 1.551 369 1.182 38
Fiets-project ambtenaren div. div. 2 2 -
Totaal overige langlopende geldleningen 2.122 2.102 - 727 1.375 1.929 39
C. Renteloze leningen
Voetbalvereniging Oldeholtpade 9 2002 2021 1 1 - 9
Totaal renteloze leningen 9 1 - - - 9 -
Totaal verstrekte geldleningen 2.131 2.103 - 727 1.375 1.938 39
Voorzieningen
Voorziening voor afwikkeling faillissement Stichting Speelwerk - 354 - 354 - 354
Totaal getroffen voorzieningen voor verstrekte geldleningen - 354 - 354 - - 354
Totaal bedrag balans 2.131 - - 1.749 373 1.375 1.584 39

Toelichting op verstrekte leningen

Overige langlopende geldleningen
Het totaal op de balans van € 1.377.000 bestaat uit overige langlopende geldleningen. Hiervan komt het grootste aandeel toe aan de uitstaande leningen aan ambtenaren.

Stichting Speelwerk
De Stichting is al op 3 december 2013 failliet verklaard. Het faillissement is in 2020 afgewikkeld. In het faillissement Stichting Speelwerk Kinderopvang kon aan geen van de preferente en concurrente schuldeisers, waaronder de gemeente Weststellingwerf, een uitkering plaatsvinden. Daarmee is de lening en de daarmee destijds getroffen voorziening afgeboekt.

Hypotheken ambtenaren en overgedragen hypotheken Comperio
De portefeuille krimpt. Enerzijds door (vroegtijdige) aflossingen. Anderzijds mogen er geen nieuwe hypotheken meer aan werknemers worden verstrekt.

Fietsproject ambtenaren
Om het woon-werkverkeer per fiets te stimuleren biedt de overheid bedrijven en instellingen een fietsplan aan te bieden aan hun werknemers. Via het fietsplan is het voor werknemers mogelijk een fiets aan te schaffen met belastingvoordeel.

Renteloze leningen 
Betreft nog een lening die in 2021 worden afgelost.

Vlottende activa

De vlottende activa bestaan uit voorraden, uitzettingen, liquide middelen en overlopende activa. Per onderdeel wordt een nadere toelichting/specificatie gegeven.

x € 1.000
Vlottende activa 31-12-2020 31-12-2019
Voorraden 18.659 21.462
Uitzettingen 4.856 7.173
Liquide Middelen 470 468
Overlopende Activa 3.682 189
Totaal 27.667 29.292

Voorraden

De voorraden zijn in totaal met € 2.803.000 afgenomen. Dit wordt nader toegelicht in de paragraaf Grondbeleid. Het verloop van de boekwaarden staat hieronder vermeld.

x € 1.000
Voorraden 31-12-2020 31-12-2019
Gereed product en handelsgoederen 2 1
Onderhanden werk (bouwgronden in exploitatie bedrijventerrein) 5.027 5.922
Onderhanden werk (bouwgronden in exploitatie woningen) 13.630 15.538
Totaal 18.659 21.462

Boekwaarden grondexploitaties

x € 1000
Grondexploitaties boekwaarden (BW) Boekwaarde 31-12-2019 Verliesvoorziening cumulatief t/m 2019 Winstuitname cumulatief t/m 2019 Balanswaarde 31-12-2019 Investeringen 2020 Opbrengsten 2020 Boekwaarde 31-12-2020 Verliesvoorziening 2020 Winstuitneming 2020 Balanswaarde 31-12-2020
Woningbouwterreinen
Wolvega De Tuinen - 1.672 141 1.950 136 24 220 - 1.868 - 3 - 57
Oldeholtpade Noord Oost - 700 - 715 14 19 143 - 825 35 - 75
Wolvega Lindewijk totaal 16.474 1.291 - 15.183 1.462 2.918 15.018 13.727
Noordwolde Locatie Renbaanschool 183 - 22 205 36 206 13 35
Totaal 14.284 1.432 2.686 15.538 1.541 3.487 12.338 - 3 35 13.630
Bedrijventerreinen
Wolvega Noord West III 514 393 - 121 34 - 548 53 - 102
Wolvega Uitbreiding Schipsloot 4.751 1.031 - 3.720 184 411 4.524 - 57 - 3.550
Wolvega De Plantage 4.750 2.669 - 2.081 193 857 4.086 41 - 1.376
Totaal 10.015 4.093 - 5.922 411 1.268 9.158 38 - 5.028
Totaal 24.299 5.525 2.686 21.461 1.952 4.755 21.496 35 35 18.658

Toelichting boekwaarde grondexploitaties
In de tabel boekwaarden grondexploitaties hebben alle winstgevende grondexploitaties een negatieve waarde omdat er meer opbrengsten dan kosten zijn gemaakt of begroot. Afname van verliesvoorzieningen worden met een (-)min gepresenteerd.

Alle terreinen vallen onder de categorie Bouwgrond In Exploitatie(BIE) en vallen onder de activa als voorraad. Een BIE is een bouwgrond waarvan de exploitatie en begroting door de raad is vastgesteld. De maximale looptijd van een grondexploitatie is 10 jaar tenzij hiervan gemotiveerd wordt afgeweken en dit vastgesteld is door de raad. Bij een langere looptijd worden risico beperkende beheersmaatregelen toegepast zoals geen indexatie van opbrengsten na 10 jaar. Elk jaar wordt de grondexploitatie getoetst of het belastingplichtig is voor de vennootschapsbelasting.

Toelichting begrippen en rekenmethodes
Boekwaarde is het totaalbedrag van alle investeringen en opbrengsten uit het verleden. Balanswaarde is de gerealiseerde waarde inclusief de verliesvoorzieningen en winstuitnames. Verliesvoorzieningen worden jaarlijks geactualiseerd per grondexploitatie en berekend op basis van de netto contante waarde(NCW) van 2%. Winstnemingen worden jaarlijks berekend over de winstgevende grondexploitaties met de Percentage of Completion Methode (POC).
 
De woningbouwterreinen hebben per 31 december 2020 een boekwaarde van € 12.338.000, de bedrijventerreinen hebben een boekwaarde van € 9.158.000. Dit is exclusief winstnemingen en verliesvoorzieningen. In 2020 zijn de verliesvoorzieningen toegenomen met € 38.000 en is een winstuitname gedaan van € 38.000. Per saldo is het financieel effect nihil.

Grondexploitaties prognose

x € 1000
Grondexploitaties per 31-12-20120 Resterende looptijd in jaren Boekwaarde 31-12-2020 Nog te maken kosten Nog te ontvangen opbrengsten Eindwaarde nominaal (einde looptijd) Eindwaarde NCW 2,00% Eindwaarde NCW 2,61% Verlies- voorziening totaal Winst- uitname totaal
Woningbouwterreinen
Wolvega De Tuinen 1 - 1.868 20 - - 1.847 - 1.811 - 1.800 139 - 1.950
Oldeholtpade Noord-Oost 1 - 825 48 - - 777 - 762 - 757 - 750
Wolvega Lindewijk 10 15.018 19.439 29.479 4.978 1.282 1.291 -
Noordwolde Renbaanschool 2 13 363 558 - 182 - 164 - 173 - 22
totaal 12.338 19.871 30.037 2.172 - 1.455 - 2.730 1.430 - 1.178
Bedrijventerreinen
Wolvega Noord West III 1 548 147 256 439 446 452 446 -
Wolvega Uitbreiding Schipsloot 10 4.524 1.006 4.967 563 974 1.157 974 -
Wolvega De Plantage 4 4.086 1.031 2.524 2.593 2.710 2.859 2.710 -
totaal 9.158 2.184 7.746 3.596 4.130 4.468 4.130 -
Totaal 21.496 22.055 37.783 5.768 2.675 1.738 5.560 - 1.178

Toelichting grondexploitatie prognose
In de tabel grondexploitaties hebben alle winstgevende grondexploitaties een negatieve waarde omdat er meer opbrengsten dan kosten zijn gemaakt of begroot. 

  • Boekwaarde is het totaalbedrag van alle investeringen en opbrengsten uit het verleden.
  • Eindwaarde einde looptijd geeft het te verwachten toekomstige eindresultaat aan van een grondexploitatie.
  • De Netto Contante Waarde (NCW) geeft de waarde van het toekomstige eindresultaat aan teruggerekend naar de waarde per einde boekjaar rekening houdend met het rentepercentage.
  • Het NCW percentage van 2,00% is een vastgesteld tarief door de belastingdienst voor de verliesvoorziening.
  • Het NCW percentage van 2,61% is het werkelijke tarief waartegen de gemeente geld leent voor de grondexploitatie.

De grondexploitaties in totaal zijn verliesgevend op basis van de gerealiseerde waarde en eindwaarde einde looptijd. De woningbouwterreinen in totaal zijn wel winstgevend maar kunnen de verliezen van de bedrijventerreinen niet compenseren. 

Uitzettingen < 1 jaar

x € 1.000
Uitzettingen < 1 jaar 31-12-2020 31-12-2019
Vorderingen op openbare lichamen 3.908 4.027
Overige vorderingen 948 3.146
Totaal 4.856 7.173
x € 1.000
Specificatie overige vorderingen 31-12-2020 31-12-2019
Debiteuren algemeen 787 635
Debiteuren belastingen 296 2.621
Voorziening dubieuze debiteuren - 215 - 265
Debiteuren administratief 4 82
Debiteuren VS Bijstandszaken - 134 - 161
Debiteuren WWB 700 780
Voorziening oninbaarheid WWB - 490 - 546
948 3.146

Toelichting op uitzettingen < 1 jaar


De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Het grootste verschil ten opzichte van 2019 is de post debiteuren belastingen. In 2019 is er een bedrag opgenomen van een vordering ter hoogte € 2.621.427. In 2020 is het bedrag van dezelfde debiteur in het lopende jaar ontvangen en dus niet als vordering opgenomen. Dit verklaart het grote verschil.

Op het bedrag voor overige vorderingen zijn voor oninbaarheid de volgende voorzieningen in mindering gebracht:

Voorziening oninbaarheid belastingen en overige vorderingen
De voorziening voor oninbaarheid is bedoeld om de risico's van oninbaarheid van zowel de gemeentelijke belastingen als overige vorderingen (niet WWB) op te vangen. De methode om de voorziening te bepalen in opgenomen in de financiële verordening, art 10. Hierin staat dat vorderingen van de gemeente individueel worden beoordeeld op oninbaarheid. Maar voor de gemeentelijke aanslagen, heffingen en bijstandsverstrekkingen wordt een voorziening getroffen op basis van het historisch percentage van oninbaarheid. In 2020 is er € 79.165 afgeboekt. Om de voorziening weer op peil te brengen is er € 28.696 aan toegevoegd, waardoor de stand van de voorziening op 31-12-2020 € 214.881 is.

Voorziening oninbaarheid WWB
De voorziening is bedoeld om de risico's van oninbaarheid van openstaande vorderingen WWB op te vangen. De hoogte van de voorziening wordt bepaald op 70% van het op dat moment openstaande saldo aan vorderingen. Dit is conform onze financiële verordening 2017 ex. art. 212 Gemeentewet. In 2020 is voor deze voorziening een vrijval geweest. De stand van de voorziening is op 31-12-2020 € 490.005.

Liquide middelen

De kasgeldlimiet wordt nader toegelicht in de Paragraaf Financiering.

x € 1.000
Liquide middelen 31-12-2020 31-12-2019
Banken 470 468
470 470

Overlopende activa

x € 1.000
Overlopende activa 31-12-2020 31-12-2019
Nog te ontvangen voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel 2.989 -
Overige overlopende activa 693 189
Totaal 3.682 189
x € 1.000
Betreft: 31-12-2020 31-12-2019
Afrekening BZF Tozo 2020 2.989 0
Nog te ontvangen voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel 2.989 0
Vooruitbetaalde kosten SD 161 177
Nog te ontvangen bedragen 494 0
Nog te verrekenen voorschotten in afwachting toekenning uitkering 9 8
Voorschotkassen AD 4 4
Overige overlopende activa 19
Tussenrekening AV Friso /SD 6 16
Overige overlopende activa 693 205

Toelichting op de passiva

Vaste passiva

De vaste passiva bestaan uit eigen vermogen; voorzieningen en vaste schuld. Per onderdeel wordt een nadere toelichting/specificatie gegeven.

x € 1.000
Vaste passiva 31-12-2020 31-12-2019
Eigen Vermogen 33.329 30.510
Voorzieningen 6.461 6.203
Vaste Schuld 51.887 55.232
Totaal 91.677 91.945

Eigen vermogen

Het eigen vermogen bestaat uit het saldo van de rekening en de reserves.

x € 1.000
Saldo van de rekening 31-12-2020 31-12-2019
Saldo van rekening 1.341 -
Totaal 1.341 -
Het saldo wordt nader toegelicht in "Jaarrekening op hoofdlijnen".

Reserves

x € 1.000
Reserves Saldo 31-12-2019 Stortingen Onttrekkingen Saldo 31-12-2020
Algemene Reserve 18.995 88 18.908
Totaal Algemene Reserve 18.995 - 88 18.908
Bestemmingsreserves
Reserve afvalstoffenverwijdering 526 304 221
Reserve vervanging/onderhoud riolering 1.554 45 1.509
Reserve onderhoud gebouwen 6 6
Reserve investeringsambities 9.153 2.299 408 11.044
Reserve energietransitie 274 26 300
Totaal Bestemmingsreserves 11.513 2.325 757 13.081
Totaal 30.509 2.325 845 31.988

Toelichting op reserves

Structurele mutaties
De voorschriften vragen om een overzicht van alle structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves. Dit om beter inzicht te krijgen in het structureel en reëel evenwicht. Alle mutaties binnen onze reserves zijn van incidentele aard, met uitzondering van de egalisatiereserves voor de afvalstoffenverwijdering en de riolering.

ALGEMENE RESERVE

Algemene reserve
 De onttrekking van in totaal € 87.890 bestaat uit de onttrekking van incidentele uitgaven van de budgetten die bij de jaarrekening 2019 zijn overgegaan naar het begrotingsjaar 2020. Het gaat hierbij om kosten voor OWO bedrijfsvoering € 76.000 en voor het project dorpen, landschap en biodiversiteit € 11.890

BESTEMMINGSRESERVES

Reserve afvalstoffenverwijdering
Op de afvalstoffenheffing, die wij bij onze inwoners in rekening brengen, mogen we geen winst maken. We mogen maximaal een tarief doorberekenen dat uitgaat van 100% kostendekkendheid. De daadwerkelijke kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing is 90%. Het verschil van € 304.000 nemen wij via een onttrekking aan de reserve voor onze rekening. De exploitatie afvalstoffenverwijdering wordt in programma 7 en de paragraaf lokale heffingen nader toegelicht.

Reserve vervanging/onderhoud riolering
Net als bij de afvalstoffenheffing geldt bij riolering dat wij op het tarief geen winst mogen maken. We mogen maximaal een tarief doorberekenen dat uitgaat van 100% kostendekkendheid. In 2020 was de kostendekkendheid afgerond 98%. Dit betekent dat er een onttrekking aan de reserve nodig is van €45.000. In de analyse op de cijfers van programma 7 en de paragraaf lokale heffingen lichten we de exploitatie riolering nader toe.

Reserve onderhoud gebouwen
In 2020 is er geen geld toegevoegd of onttrokken aan de reserve onderhoud gebouwen. Het saldo eind 2020 is daarmee hetzelfde als het saldo eind 2019, namelijk € 6.000. 

Reserve investeringsambities
Bij de vaststelling van de jaarstukken 2017 is de bestemmingsreserve investeringsambities in het leven geroepen. Enerzijds om voorbereidingskosten voor projecten in de openbare ruimte uit te betalen en anderzijds als dekkingsbron voor de projecten in onze dynamische investeringsagenda. In 2020 is met de opbrengst precariobelasting een bedrag van € 2.298.992 toegevoegd aan de reserve investeringsambities. Aan deze reserve zijn onttrokken een bedrag van € 400.000 voor de uitvoering van het masterplan van FC Wolvega en een bedrag van € 8.333 voor de organisatiekosten van Regiodeal Zuidoost Friesland. 

Reserve energietransitie
Bij de Voorjaarsnota 2019 is de bestemmingsreserve energietransitie ingesteld, zodat we het klimaat- en duurzaamheidsbeleid in Weststellingwerf verder invulling kunnen geven. De structurele voeding van de reserve bestaat uit de jaarlijkse huuropbrengsten van de twee zonneparken in onze gemeente, voor 2020 € 26.000.

Voorzieningen

x € 1.000
Voorzieningen Saldo 31-12-2019 Stortingen Aanwen- dingen Vrijval Saldo 31-12-2020
Voorziening Nalatenschap Dames Hofstee 151 151
Voorziening Uitkering Pensioenen Gewezen Wethouders 2.774 100 163 2.711
Voorziening Opbouw Pensioenen Gewezen Wethouders 2.649 258 2.907
Voorziening Ontslaguitkeringen Wethouders 45 74 29 90
Voorziening Precariobelasting 0 0
Voorziening afkoopsom onderhoud graven 583 80 63 601
Totaal 6.203 512 255 - 6.461

Toelichting op voorzieningen

Voorziening nalatenschap dames Hofstee
Deze voorziening is gevormd uit een legaat met als verplichting dat de rente-opbrengsten ten gunste komen van de school voor speciaal onderwijs De Triade. Jaarlijks bepalen we bij het opstellen van de begroting wat de rente is. In 2020 is er geen verzoek van de school binnengekomen om het bedrag te mogen ontvangen. De stand van de voorziening blijft € 150.655.

Algemene informatie over pensioenen wethouders
Het pensioen voor wethouders is geregeld in de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa). Ook bewindspersonen, leden van de Tweede Kamer, gedeputeerden en leden van het dagelijks bestuur van een waterschap (behalve de dijkgraaf) bouwen op grond van die wet pensioen op. De Appa-pensioenpremie wordt op het salaris van de wethouder ingehouden. Deze wordt gestort in de kas van de gemeente in plaats van bij een pensioenfonds. Gemeenten hebben op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) de taak om hiervoor een voorziening te vormen. Daarmee is zichtbaar voor welk bedrag oud- en zittende wethouders pensioen hebben opgebouwd. De gehanteerde rekenrente is gebaseerd op een jaarlijkse circulaire van het ministerie van BZK hierover.

Voorziening Uitkering Pensioenen Gewezen Wethouders
Oud-wethouders, die intussen met pensioen zijn, ontvangen uit deze voorziening hun pensioen. De hoogte van de voorziening wordt bepaald aan de hand van actuariële berekeningen. Hoe lager de rekenrente hoe minder het kapitaal in de voorziening rendeert en er dus bijgestort moet worden om aan de verplichtingen te kunnen voldoen. Ten opzichte van vorig jaar is de rekenrente verlaagd van 0,290% naar 0,082%. Door deze renteverlaging blijkt een storting van € 100.000 nodig. In 2020 is uit de voorziening €163.000 aan pensioenen uitgekeerd. De voorziening komt hiermee eind 2020 uit op € 2.711.000.

Voorziening Opbouw Pensioenen Gewezen Wethouders
Voor onze huidige wethouders en oud-wethouders die op dit moment nog niet met pensioen zijn, moeten we een voorziening vormen die op termijn toereikend moet zijn om ieders pensioen te kunnen betalen. Voor de bepaling van de hoogte van deze voorziening moeten we gebruik maken van actuariële berekeningen. Belangrijkste wijziging in deze berekening is de verlaging van de rekenrente naar 0,082% (was 0,290% vorig jaar). Deze rentedaling zorgt voor een verhoging van de voorziening. Er is immers meer kapitaal nodig om op termijn aan onze verplichtingen te kunnen voldoen. Op basis van de actuariële berekeningen hebben we in 2020 ruim € 258.000 aan de voorziening moeten toevoegen. De voorziening komt hiermee eind 2020 uit op € 2.907.000.

Voorziening Ontslaguitkeringen Wethouders
Wethouders, die niet hun volledige termijn afmaken, hebben recht op een ontslaguitkering. Dit wordt ook wel wachtgeld genoemd. Een voormalig wethouder heeft recht op een volledige uitkering tot het moment dat hij of zij een nieuwe baan heeft gevonden of een aanvullende uitkering als het salaris in de nieuwe baan lager is. In 2020 is er € 29.000 aan (aanvullende) ontslaguitkeringen betaald, maar is gebleken dat alsnog € 74.000 extra in de voorziening moet worden gestort. De voorziening komt hiermee eind 2020 uit op € 90.000.

Voorziening afkoopsom onderhoud graven
Deze voorziening is bedoeld om het onderhoud van graven te kunnen betalen. De storting is de afkoopsom, die nabestaanden hebben betaald voor het onderhoud van graven in toekomstige jaren. De vrijval betreft de bijdrage aan de exploitatie 2020 om dit onderhoud te kunnen betalen.

Vaste schuld

Onze vaste schuld met rentetypische looptijd groter dan 1 jaar bestaat uit drie geldleningen

x € 1.000
Vaste schulden > 1 jaar Oorspr. Bedrag Rente % Einde looptijd Boekwaarde 31-12-2019 Opname 2020 Aflossing 2020 Boekwaarde 31-12-2020 Aflossing totaal Rente 2020
Opgenomen leningen
200901 10.000 4,165% 2029 5.000 500 4.500 5.500 205
201601 56.901 3,440% 2036 46.232 2.845 43.387 13.514 1.533
201602 4.000 1,940% 2037 4.000 4.000 - 78
Totaal 70.901 55.232 - 3.345 51.887 19.014 1.816

Vlottende passiva

De vlottende passiva bestaan uit netto-vlottende schulden met een looptijd korten dan 1 jaar en overlopende passiva. Per onderdeel wordt een nadere toelichting/specificatie gegeven.

x € 1.000
Vlottende passiva 31-12-2020 31-12-2019
Vlottende schuld 5.788 5.179
Overlopende Passiva 2.375 1.928
Totaal 8.163 7.107
x € 1.000
Specificatie vlottende schuld 31-12-2020 31-12-2019
Crediteuren algemeen 291 1.832
Crediteuren belastingafdrachten 196 205
Crediteuren Werk en Inkomen 1.943 2.778
Crediteuren SD 3.000 23
Overig 358 341
5.788 5.179

Overlopende passiva

x € 1.000
Overlopende passiva 31-12-2020 31-12-2019
Verplichtingen die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen 2.063 1.734
Ontvangen voorschotten voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van volgende begrotingsjaren 312 194
Totaal 2.375 1.928
x € 1.000
Betreft: 31-12-2020 31-12-2019
Transitorische rente 355 378
Diverse afdrachten december salarissen 1.322 1.167
Omzetbelasting 4e kwartaal 2020 154 45
Nog op te leggen belastingaanslagen mbt afvalfonds 2016-2019 232 0
Vooruit ontvangen bedragen 120
Ten onrechte betaald/ontvangen 24
Verplichtingen die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen 2.063 1.734
Vooruitontvangen doeluitkeringen 311 192
Overige voorschotten 1 2
Ontvangen voorschotten 312 194

Vooruit ontvangen doeluitkeringen

x € 1.000
Vooruit ontvangen doeluitkeringen 31-12-2019 Toevoegingen Uitgaven Vrijval 31-12-2020
Onderwijsachterstandsbeleid (OAB) 149 109 258
Manifest verkeersveiligheid 9 2 7
Hulp gedupeerden toeslagenproblematiek - 12 12
Rotan 2.0 20 20
Koepelproject streekagenda 14 14
Totaal 192 121 2 - 311

Toelichting op vooruit ontvangen doeluitkeringen

Onderwijsachterstandsbeleid (LOAB)
We hebben in 2019 een Rijksbijdrage voor de LOAB ontvangen van € 375.689, die wij voor meerdere jaren moeten inzetten. Deels is dit gebruikt ter dekking van de kosten in 2019. Het restant deel (€ 149.207) is gereserveerd voor latere jaren omdat het geoormerkte gelden zijn. In het 2020 is een rijksbijdrage ontvangen van € 446.450. Het niet in 2020 gebruikte deel van € 109.000 is ook toegevoegd om in latere jaren nog voor dit doel in te zetten.

Manifest verkeersveiligheid
Voor de jaren 2016-2020 is een bedrag van € 25.000 ontvangen om te besteden aan projecten ten gunste van de verkeersveiligheid. Hiervan was begin 2020 nog € 8.500 beschikbaar.
In 2020 is € 2.000 aan het manifest verkeersveiligheid uitgegeven en in mindering gebracht op het restant vooruit ontvangen bedrag.

Rotan 2.0
In 2019 is een bedrag van € 20.000 ontvangen als co-financiering voor het project vanuit de Streekagenda voor Rotan 2.0. Dit project is in 2020 niet tot uitvoering gekomen, waardoor het vooruit ontvangen bedrag blijft staan als vooruit ontvangen doeluitkeringen op de balans. (zie ook programma 7)

Koepelproject streekagenda
In 2019 is een bijdrage ontvangen voor het koepelproject streekagenda. De uitvoering van het project is in 2020 niet afgerond. De vooruit ontvangen bijdrage blijft op de balans staan.

Niet uit de balans blijkende verplichtingen

De gemeente is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende, niet uit de balans blijkende, financiële verplichtingen.

x € 1.000
Niet uit de balans blijkende verplichtingen 31-12-2020 31-12-2019
Huur - en leasecontracten 619 433
Gewaarborgde geldleningen 100% garantstelling 3.372 3.925
Gewaarborgde geldleningen 50% garantstelling 31.419 30.622
Totaal 35.410 34.980

Toelichting op niet uit de balans blijkende verplichtingen

Gewaarborgde geldleningen

Naast de vaste schulden (opgenomen geldleningen) staat de gemeente Weststellingwerf garant voor onderstaande leningen. Bij de indirect gegarandeerde leningen staat het Rijk voor 50% garant en de gemeente voor 50%. 

x € 1.000
Gegarandeerde geldleningen Waarborg 100% Geldnemer Datum laatste aflossing Rente % Oorspr Bedrag Restant lening 31-12-2019 Restant lening 31-12-2020
BNG
Verzelfstandiging Nw.Lindenoord Stichting Meriant (v/h Lindestede) 20-08-2020 5,950 507 51 -
Verzelfstandiging Soolstede Stichting Meriant (v/h Lindestede) 19-06-2030 3,850 2.050 1.140 1.055
Verzelfstandiging Soolstede Stichting Meriant (v/h Lindestede) 23-10-2030 3,945 3.779 2.113 1.956
Rabobank
Lycklamastins Won.st.West./Et Bientwark 20-05-2020 4,930 2.536 190 -
Herfin.vervroegde aflossingen Prot.st.bej.woningen Marrum te Hallum 17-09-2024 5,510 1.815 322 262
Sporthal Munnekeburen St.Groote Veenpolder 20-12-2029 6,000 91 21 16
F.C. Wolvega Stichting Sportpark Molenwiek 08-03-2033 6,600 125 88 83
Totaal 10.903 3.925 3.372
x € 1.000
Indirect gegarandeerde geldleningen* Waarborg 50% Geldnemer Datum laatste aflossing Rente % Oorspr Bedrag Restant lening 31-12-2019 Restant lening 31-12-2020
BNG
WSW Woningst. Weststellingwerf 01-12-2020 3,220 3.750 3.750 -
WSW Woningst. Weststellingwerf 22-12-2020 3,780 2.500 2.500 -
WSW 39527 Woningst. Weststellingwerf 12-09-2022 4,704 4.000 4.000 4.000
WSW 39758 Woningst. Weststellingwerf 21-12-2022 4,714 3.350 3.350 3.350
WSW 40191 Woningst. Weststellingwerf 13-06-2023 4,978 5.000 5.000 5.000
WSW 45632 Woningst. Weststellingwerf 07-02-2029 0,480 5.000 4.000 4.000
WSW 22252 Woningst. Weststellingwerf 01-05-2033 2,390 4.396 2.543 2.388
WSW 39488 Stichting WoonFriesland 01-06-2038 4,874 3.100 3.100 3.100
WSW 48515 Woningst. Weststellingwerf 15-02-2039 1,637 3.500 3.500 3.500
WSW 49950 Woningst. Weststellingwerf 01-12-2057 0,050 3.500 - 3.500
WSW 49948 Woningst. Weststellingwerf 16-12-2058 0,395 3.000 - 3.000
WSW 49474 Woningst. Weststellingwerf 20-05-2059 0,650 4.000 - 4.000
WSW 49473 Woningst. Weststellingwerf 20-05-2060 0,648 4.000 - 4.000
Ned. Waterschaps Bank
WSW Stichting WoonFriesland 04-05-2020 3,270 10.000 10.000 -
WSW Woningst. Weststellingwerf 25-05-2020 0,030 6.500 6.500 -
WSW 41770 Woningst. Weststellingwerf 29-01-2025 4,450 3.000 3.000 3.000
WSW 39219 Woningst. Weststellingwerf 21-06-2027 4,849 5.000 5.000 5.000
ASN Bank
WSW 37161 Woningst. Weststellingwerf 20-07-2021 3,678 5.000 5.000 5.000
Aegon
WSW 49842 Stichting WoonFriesland 03-03-2070 0,260 10.000 - 10.000
Totaal 78.596 61.243 62.838
Hiervan 50% indirect gegarandeerd 30.622 31.419

Corona

 
De uitbraak van coronapandemie eind februari 2020 heeft een enorme impact op ons allemaal. De wereldwijde pandemie leidt tot ongekende omstandigheden. Voor de aanpak van corona kijken wij wat we, aanvullend op de landelijk maatregelen van het Rijk, kunnen doen. Dit raakt veel beleidsterreinen van onze organisatie. We streven naar een zo adequaat mogelijke uitvoering van de landelijke en lokale maatregelen en naar zoveel mogelijk continuïteit van de reguliere werkzaamheden en van noodzakelijke (digitale) besluitvorming en hebben daarvoor de nodige interne maatregelen genomen. Ook voor de komende tijd is hierover nog veel onzekerheid. Zie ook de speciaal hiervoor ingestelde paragraaf Corona.
Publicatiedatum: 30-04-2021

Inhoud